Vogelaars in het Aaltense Goor

Verslag Zonderboswandeling op 29 juni 2026

De Oude IJsselstreek 2 juli 2026

We gaan op maandagavond 29 juni vanaf de parkeerplaats Oude Eltenseweg langs de Beekseweg van start met de Zonderboswandeling in het Bergherbos bij Beek. Dit is de tweede wandeling van de serie ‘maandagavondwandelingen’ van de Regiowerkgroep Montferland. Er zijn 19 deelnemers, daarom verdelen we ons in twee groepen. Langs een pad met aan de ene kant veel verschillende kersenbomen en aan de andere kant een graanakker van Natuurmonumenten lopen we het bos in. Natuurmonumenten heeft hier het overgrote deel van het bos in bezit, het beheer is gericht op vergroting van de biodiversiteit en herstel van inheemse beplanting.

In het bos wijzen de gidsen ons op verschillende soorten naaldbomen: Douglasspar, herkenbaar aan de citrusgeur, Hemlockspar met zachte naalden, Japanse en gewone larix met verschillende soorten kegeltjes. Maar er is nog zoveel meer te zien dan alleen bomen. Een zwetende kaaszwam, het ‘zweet’ zijn de vochtdruppels die zelfs na de hittegolf nog te zien zijn. De lange stuifmeeldraden van de tamme kastanje op de grond. Dalkruid, pitrus, salomonszegel en waterpeper langs het pad. Op de grond liggen veel door eekhoorns afgeknaagde kegeltjes: het topje laten ze zitten, want daarin zitten geen zaden. Ook zijn er heel veel adelaarsvarens. Eén van de oudere deelnemers vertelt dat zijn vader deze varens vroeger ter verkoeling over de rug van het paard legde.

Dronken dassen

We zien reeënsporen en een dassenhol. Met de dassen gaat het goed in het Bergherbos, dit jaar waren er zeker 20 jonge dassen, als de varens nog jong en niet zo dicht zijn kun je ze soms zien spelen! Ook komen we onderweg schuursporen en de ligplaats van een ree tegen. Reeën krabben hun ligplaats vrij van het mos, dat hier ook overvloedig aanwezig is. We passeren een maïsakker: soms schijnen dassen zich zo te goed te doen aan de kolven van de maïs dat ze er dronken van worden en waggelend naar hun hol terugkeren! Onderweg komen we langs enkele geulen of kuilen. Dit is een restant van de ijzerwinning uit de vroege middeleeuwen. De kuilen zijn ontstaan doordat men hier klapperstenen uit de bodem haalde en het zand waarin ze lagen rondom de kuil ophoopte. De klapperstenen komen voor in afzettingen uit de voorlaatste ijstijd (circa 200.000 jaar geleden) . Ze bestaan aan de buitenkant uit ijzeroxide met aan de binnenkant een leemkern. Deze leemkern is vaak in de loop van duizenden jaren gekrompen en ‘klappert’ zodoende wanneer je de stenen schudt.

Zonderkolk

Via allerhande kruip- en- sluip- door paden keren we weer terug naar het beginpunt. Tenslotte komen we nog langs de Zonderkolk. Hier zouden in vroeger tijden gevangenen zich een laatste keer hebben mogen wassen voordat ze naar de galg op de Galgenberg gingen. ‘Zonder’ zou dan een verbastering van ‘zonden’ zijn. Maar de naam Zonderbos is mogelijk ook een gevolg van het feit dat dit gebied na WOII helemaal kaal was, bijna alle bomen in dit gebied zijn later aangeplant.

Iets over negenen zijn we weer terug bij het beginpunt waar inmiddels koffie, thee en koekjes zijn gebracht. Het was weer een heel geslaagde wandeling op een heerlijke, zonnige zomeravond.

Deel deze pagina