Voedsel

Alle dieren zijn op zoek naar voedsel. In jouw tuin vinden ze dat bij planten. Planten leveren met hun bloemen nectar en stuifmeel. Vlinders, bijen en andere nuttige insecten leven daarvan en zijn er de hele dag naar op zoek, voor zichzelf en hun nakomelingen.

Sommige insecten doen zich tegoed aan de planten in jouw tuin. De bladluis is daar een voorbeeld van. Deze zijn te bestrijden door natuurlijke vijanden van de bladluis naar je tuin te lokken. Koolmezen voeren hun jongen duizenden bladluizen per dag. Een lieveheersbeestje kan er honderd in een etmaal verorberen. Bestrijdingsmiddelen kunnen dan achterwege blijven. Deze zijn namelijk ook dodelijk voor nuttige insecten.

Vogels eten ander voedsel dan insecten. Maar planten kunnen ook hen voedsel leveren.

Besdragende bomen en struiken zijn bij veel vogel zeer geliefd. Ook bessenplanten vind je in de 040plantenlijst. Er zijn ook vogels die zaden op hun menu hebben staan. Dat is daarom een reden om uitgebloeide bloemresten niet weg te knippen. In de bloemresten zitten de zaden die de vogels eten.

Vogels eten ook insecten die ze op de bodem vinden. Soorten die ze op de grond vinden noemen we  bodemdieren. Sommige zijn zo klein dat ze met het blote oog niet te zien zijn. Ze zijn voedsel voor vogels en andere dieren, maar hebben nog andere, zeer belangrijke functies. Bodemdieren houden de bodem gezond en ruimen de resten van dode dieren en planten op. Een gezonde bodem is de basis voor een gezonde en levende tuin.

Vogels mogen jaarrond worden bijgevoerd. Geef ze wel biologisch zaad dan weet je dat er geen schadelijke stoffen op of in het zaad aanwezig zijn.