Valkenswaard-Waalre
Bomen & Struiken
zaterdag10okt2015

Kobus, de magnolia

Tot de vroeg in april naakt-bloeiende bomen behoren sommige Magnolia soorten. In tuinen en parken aangeplant is er de vroeg bloeiende Gewone Magnolia die de winter kaal en bladloos is doorgekomen. Bloem en blad komen ongeveer gelijktijdig. De grijze spitse dikke knoppen vouwen met 1 enkel snel afvallend schutblad open. Dan kunnen bij de omstreeks 1825 door Soulange-Bodin uit Chinees materiaal gekweekte Gewone Magnolia de 6 witte kroonbladen zich ontplooien. Ze vouwen uit tot een kom met centraal daarin een meervoudige vruchtspil en veel meeldraden. Maar vaak hebben de bloembladen wel een roze zweem op de rugzijde of soms zijn ze helemaal roze of zelfs rozerood. Dat is afhankelijk van de gekweekte ondersoort van deze grote struik of kleine boom.

Magnoliabloemen IVN Valkenswaard-Waalre
Magnoliabloemen

Iets minder bekend is daarnaast de uit N. Amerika afkomstige stoere boom, de altijd groene Magnolia grandiflora. Die is het najaar en ook de hele winter bezig om tulpvormige eindknoppen te vormen. Hier gaan de viltig behaarde kelkbladen pas in juni open om prachtige witte bloembladen te pronk aan te bieden, tussen de grote leerachtige aan de bovenzijde glimmende donkergroene lang-ovale bladen.

Afwijkend is een andere kleinere naaktbloeier met stervormige witte bloemen (Magnolia stellata). Jammer is dat hierbij de witte bloembladen na enige tijd geelbruin worden.

Nauw verwant hieraan is de ook wel tot boomvorm gekweekte uit Japan afkomstige Magnolia kobus (=kobushi). Een hele rij hiervan staat in de Prins Clauslaan in Aalst. Door hun formaat laten ze duidelijk aan de voorbijganger hun bloeiwijze zien. En daarna ook de eigenaardige vruchtvorming. De vaak rozerode kleur daarvan trekt de aandacht. Het blijkt bij nadere beschouwing een verzamelvrucht te zijn met een aantal tot ontwikkeling gekomen bolvormige vruchten om een spil. Op een gegeven moment zullen die grijsgroene/rozerode bollen op de vruchttak een barst in de lengterichting aan de rugzijde gaan vertonen. Er schemert daarin dan iets met een oranjerode kleur, dat geleidelijk aan wanneer de kleppen zich verder openen een vrucht blijkt te zijn. Wie nu geduldig is en het geheel nog een aantal dagen kan laten liggen wordt daarmee beloond door het verder open gaan en vervolgens fraai zwart verdrogen van de kleppen van de vruchtbeginsels. Er zitten een aantal lichte stipjes op. De oranjerode kern bestaat uit een schil waarbinnen wit vruchtvlees een zwarte ovale harde pit omvat. Dat is dan het echte zaad.

Zo komt dus na lang wachten de beloning voor het geduldig kijken naar de wonderen die de natuur herbergt. Kobus de Magnolia heeft daar een geheel eigen aandeel in.

Jan van Twisk, 10-10-2015

Kijk hier voor meer foto's.

Meer natuurweetjes