Overasseltse en Hatertse Vennen (3,5 of 6,5 km)

De Overasseltse en Hatertse Vennen liggen even ten zuidoosten van Nijmegen. Staatsbosbeheer heeft wandelingen ontwikkeld door dit bijzondere gebied. Er zijn 2 startpunten van de wandelingen:

1. Het Informatiepaneel van Staatsbosbeheer op de parkeerplaats De Diervoort, nabij de gelijknamige Kaasboerderij, Staddijk 17, 6603 LM Wijchen.  

2. De parkeerplaats bij Restaurant St. Walrick, St. Walrickweg 5, 6611 KG Overasselt. 

U kunt hier de routes downloaden, uitprinten en meenemen. folder-overasseltse-hatertse-vennen.pdf

Het gebied bestaat uit vennen en rivierduinen en is geologisch gezien zeer jong (110.000 tot 10.000 jaar geleden). De hoge droge stuifzandruggen waren uitermate geschikt voor bewoning. Er zijn hier veel vondsten gedaan uit verschillende periodes van rond 8000 voor Chr. tot 1500 na Chr.

Tot 1900 kende het vennengebied zijn eigen specifieke waterhuishouding, onafhankelijk van het regionale grondwater. Omstreeks 1900 veranderde dit. Zowel gemeenten als particulieren groeven sloten en greppels om het water af te voeren.

Staatsbosbeheer heeft in 1964 het gebied als natuurreservaat aangekocht en is toen begonnen met herstelbeheer. De ontwatering is nu gedeeltelijk ongedaan gemaakt door de aanleg van stuwtjes. Een andere oorzaak van verdroging zijn de vele bomen die hier groeiden. Zij verdampen enorm veel water. In 2013 en 2014 is daarom ongeveer 11% van het aanwezige bos gekapt. Sloten en dammen zijn gedempt of afgedamd.

In het vennengebied groeien veel bijzondere planten zoals zonnedauw, veenpluis, snavelbies, beenbreek en melkeppe. Vanaf midden april kunnen diverse soorten libellen worden waargenomen. Er broeden hier ongeveer 80 soorten vogels en er leven dassen, reeën en vossen en kleinere zoogdierensoorten als bunzing, konijn, haas, eekhoorn, wezel, hermelijn en egel. Bij de vennen komen verschillende soorten salamanders, padden en kikkers voor. Paddenstoelen zijn vooral na vochtige zomers en nazomers talrijk.

Door zijn diversiteit zowel voor wat betreft flora en fauna, maar ook vanwege het geaccidenteerde en afwisselende landschap is dit een uniek natuurgebied waar het in ieder jaargetijde prima toeven is.

Eind 2013 heeft er een grootschalige renovatie plaatsgevonden van het vennengebied, door Staatsbosbeheer.

De routes voeren u ook langs de ruïne van de Middeleeuwse St. Walrickkapel. Aan de zuidmuur van de ruïne staat een oude zomereik, die nog altijd dienst doet als koortsboom. Het volksverhaal vertelt dat als een lapje stof aan een koortsboom (ook wel lapjesboom) wordt gebonden, deze boom ervoor zorgt dat ziekte verdwijnt.

Wanneer er voor het eerst een lapje aan de boom is bevestigd, is niet bekend. Wel is er een legende over hoe de predikende Willibrordus (eind 7e of begin 8e eeuw) hier gevangen genomen werd door de heidense rover Walrick. Willibrordus wist echter de zieke dochter van Walrick te genezen. Walrick deed boete in Rome, bekeerde zich en stichtte een kerk midden in de wildernis. Hij vroeg de dorpelingen een eik te planten waar ze, ook na zijn dood, om genezing van de zieken konden bidden. Maar zijn roversbende pikte dat niet, ze vermoordden vader en dochter en staken het huis in brand. Walrick werd heilig verklaard, de plek werd een bedevaartsoord.

Tot in de twintigste eeuw werden vanuit Wijchen processies gehouden naar de kapel met zijn boom. Inmiddels is een nieuwe lapjesboom vlakbij de oude eik geplant, waar je beter bij kunt om een lapje in te hangen. 

Ruïne en Lapjesboom St. Walrick