Landschap
Verslag ‘Lange wandeling achter de bergen 2026’
Vrijdag de dertiende brengt in de volksmond ongeluk, maar geldt dat ook voor zondag de dertiende? De stromende regen op zondag 13 september deed dat laatste vermoeden. Een bescheiden groepje in regenjassen gehulde wandelaars trotseerde de buien en sloot zich aan bij drie gemotiveerde natuurgidsen: Saskia Scheepens en de gebroeders Chris en Joep van Lieshout. Ondergetekende natuurgids sloot ietsje later ook aan.
Het begin van de route leidde over de Bedafse Bergen, waar in heldere omstandigheden het Provinciehuis zichtbaar moet zijn. Dit gebouw is weliswaar grijs, maar het grijs dat wij op de Bedafse Bergen zagen, kwam uiteraard van de regen. Dat neemt niet weg dat er genoeg andere interessante feitjes te benoemen waren. Bijvoorbeeld dat de eiken op deze stuifwallen bij de oudsten uit de omgeving horen en dat het Brabants Landschap daarom hier ‘autochtoon materiaal’ verzamelde voor nieuwe eiken elders. Of dat de heuvels – die hoger zijn dan de Loonse en Drunense duinen – voorheen nóg hoger waren, maar dat ze door recreatie langzaam maar zeker hoogte verliezen.
Verderop liepen we door heidevelden, waar we duidelijk de gevolgen zagen van de droge hete zomer. Veel heide overleefde deze zomer niet. Via bospaadjes kwamen we langs een stuk natuurgebied, dat als compensatie voor de A50 werd aangelegd. Heideveld werd het doel, maar vandaag de dag domineren berken het beeld. Maar wie zoekt, zal iets interessants vinden: Saskia wist feilloos de gevorkte- en ruwe heidestaartjes aan te wijzen.
De hoeveelheid regen nam af en via landerijen kwamen we uit bij het Nistelrodese zweefvliegveldje, het voormalige zwembad en na een korte pauze bij de onlangs opgeschoonde Nistelrodese visvijvers, die ooit nog als schaatsbaan dienden.
Onze route volgde een andere stuifwal. Dit bleek de andere kant van het gebied Groote Heide, dat ooit uitstrekte van het Udense Bedaf tot aan het Nistelrodese Maxend. Nu sieren gewassen van agrariërs dat complete gebied. We wandelden door en via de Peelrandbreuk liepen we langs de koeien van Peter van den Bosch en Jos Timmers. De boerderij van laatstgenoemde huisvest vele huiszwaluwen, voor wie een speciale huiszwaluwenpaal is geplaatst.
Het Poeskespad – genoemd naar het Újese woord voor wilgenkatjes – leidde terug naar het beginpunt van de route. Tijd voor droge kleren!
Geert van den Biggelaar
