Uden
IVN
maandag26sep2022

Verslag Wandeling Duits Lijntje - Trentse bossen - Vliegbasis 18 september

De wandeling van 6,1 km is georganiseerd door IVN Uden; 17 personen nemen deel. De groep wordt opgedeeld in tweeën: een groep met gids Ingrid Decreton en een groep met Chris van Lieshout en Jo Voet. Onverwacht toch nog veel deelnemers ondanks de dreiging van regen. Aan het eind van de route begint het inderdaad te regenen…

Het Duits Lijntje, dat nu een wandelpad is, kent een veelbewogen historie van ruim een eeuw. Vanaf 1873 werden afwisselend personen en goederen vervoerd over deze unieke oost-westverbinding. Leden van koningshuizen en tsarenfamilies reisden via het Duits Lijntje om elkaar te bezoeken. Nederlandse en Duitse pelgrims wisten hun weg te vinden naar bedevaartsplaatsen als Kevelaer en bezochten de processies in Boxmeer, Handel en Boxtel. De sneltreinen passeerden station Uden met een snelheid van 120 km per uur. De meeste lokale treinen stopten wel in Uden. Deze stoptreinen waren voor Uden erg belangrijk voor het goederenvervoer, in verband met de veemarkten, de kersenveiling en de kunstmestfabriek van Coenen & Schoenmakers. Het personenvervoer werd officieel opgeheven in 1951. In 1976 kwam er nog er één personentrein tot Uden; dat was de 'Leutexpress' (Carnaval).

De Trentse Bossen (ook: Trentsche Bosschen) is een langgerekt bosgebied van ongeveer 150 ha in de gemeente Maashorst en eigendom van de gemeente Maashorst. De bossen maken deel uit van de ecologische hoofdstructuur van Nederland, die in verbinding staat met natuurpark Maashorst in het westen en de loofbossen bij Mill in het oosten.

In 1940 werd door Duitse troepen begonnen met de aanleg van een vliegveld bij de dorpen Volkel en Odiliapeel; een zogenaamde Nachtlandeplatz voor toestellen van de Luftwaffe. De plek werd uitgekozen vanwege de vlakke ligging en omdat er een spoorlijn lag.

Start Steltenberg. Linksaf richting Mill. Even verderop kunnen we zijbreuken zien van de Peelrandbreuk. Linksvoor en rechtsachter zien we aan de zijkanten Wolfspoot, Blaassilene, Lidrus die een ‘L’ vormig ‘blad’ heeft (Niet verwarren met Heermoes!), Grote Wederik en wilgen. Een teken van nattere gronden. In de sloot zien we bruin water. Ook de Breedbladige Wespenorchis staat aan de kant van de weg.

Eerste zandpad linksaf. Op de Eiken zien we volop Plaatjesgallen. De begroeiing hier maakt deel uit van de ecologische verbindingszone tussen de Vliegbasis en de Trentse Bossen. Er ligt een plan om hier, richting Steltenberg, deze zone met 15 ha. uit te breiden.

Tijdens de wandeling zien we Meidoorn, Sleedoorn (blauwe bessen) en Lijsterbes. En veel soorten gallen, zoals de Satijnen Knoopjesgal, Ananasgal, Galappel, Plaatjesgal, Stuitergal. Vlakbij ook een aantal Inktzwammetjes. We zien ook Gewone Esdoorn (met scherpe karteling van het blad) en Amerikaanse Eik, zonder gallen en andere vreterij. Amerikaanse Vogelkers ruikt zeer sterk en specifiek als je de bast van een takje schraapt. Een Lijsterbes is verdroogd, Krentenboompje staat er goed bij. Iets verderop een Spaanse Aak, ook wel Veldesdoorn genoemd, met veel kleiner blad dan de Gewone Esdoorn. We lopen ook langs een Tril- of Ratelpopulier. In de Maashorst is meer dan 90 % van de Fijnsparren dood. Desondanks zien we er een aantal op particulier terrein. Waarschijnlijk zijn deze door de eigenaar van water voorzien tijdens de droge periode. Hazelaar laat zijn mannelijke katjes al zien. Kardinaalsmuts staat er mooi bij en er zijn al enkele besjes zichtbaar. Een Rode Kornoelje ziet er ook groeizaam uit. Een Hondsroos staat vol met vruchten. De Teunisbloem staat nog in bloei. Teunisbloemen zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden, te meer omdat er ook diverse kruisingen zijn. Sedum (Hemelsleutel) groeit langs de kant, overblijfsel uit een tuin. Bij de poel rechts zien we Waternavel, Egelboterbloem (klein geel bloemhoofdje) en Zwart Tandzaad.  De Berk laat zijn mannelijke katjes al zien. In een mierenhoop aan de linkerkant van de weg  zijn de Rode Bosmieren druk in de weer; ligt beschut bij een dennenboom en volop in de zon.

Langs het Duits Lijntje zien we de camouflage plek waar de Duitsers met een zeil een boerderij nabootsten zodat ze veiliger waren voor vijandelijke bommen. Een forse Eik staat tussen de rails. Op de vraag hoe oud deze zou kunnen zijn wordt geroepen: “Waarschijnlijk 300 jaar!”. Enkele deelnemers constateren dat deze nooit ouder dan 70 jaar kan zijn, omdat vlak na de oorlog werd gestopt met goederen- en personenvervoer.  

In het gebied dat we doorkruisen broedden afgelopen jaar twee Haviken, drie Buizerds en een  Zomertortel. Deze is zeer zeldzaam en heeft een mooier verenkleed dan een Turkse Tortel. We zien  Zeedennen met hun lange naalden en hun grote dennenappels. Ook de Corsicaanse Dennen ofwel Zwarte Dennen zijn er te vinden.

De schietberg was een plek waar soldaten werden opgeleid voor de oorlog in Indië. Op de stammen van de afscheiding zien we Oranje druppelzwam. Links zien we op de grond het gewone Heidestaartje dat veel op Rendiermos lijkt. In dit deel heeft in 2018 een Wespendief gebroed. Links van ons zien we Waterpeper groeien. Eerste weg rechts, tweede links (voor de boomstam). Links is een poel met dood water en geen leven, behalve waterplanten. We horen hier het geroffel van de Grote Bonte Specht. Dan zien we de bunker waar o.a. Grootoorvleermuizen huizen.

Aan het einde van de tocht wordt aan de deelnemers gevraagd hoe ze de rondleiding ervaren hebben. Veel enthousiasme en verbazing dat er nog zoveel te vertellen is, zeer interessant. Ze geven aan dat ze de volgende keer er weer bij zullen zijn.

Jo Voet, Zeeland

Mede namens Chris van Lieshout en Ingrid Decreton.

Duits-5

Duits-6

Duits-2Duits-3Duits-4