Juni 2021 Glimwormen

     

Glimworm Lampyridae

glimworm1In mijn jeugd hoorde ik voor het eerst iets over glimwormen en ik dacht, net als veel andere mensen, dat het wormen waren. Later bij mijn IVN natuurgidsenopleiding in 1979 leerde ik dat glimwormen en houtwormen geen wormen zijn, maar dat ze behoren bij de grote familie van kevers.
In sommige boeken noemen ze de glimwormen dan ook glimkevers. Weer andere boeken komen met de namen vuurvliegjes of gloeiwormen en in de wetenschappelijk naam zit ook al iets van licht, want die naam is Lampyridae. Hoe dan ook de glimwormen geven zowel in het ei-, larvaal-, pop- en imagostadium licht. Er zijn echter wel uitzonderingen, maar daar lees je meer over verderop in dit artikel. Wist je trouwens dat sommige kniptorren, maar ook weekschildkevers licht kunnen geven! Ik heb de glimworm uitgezocht voor de maand juni, omdat je in de avonduren van deze maand plotseling vreemde dwaallichtjes kunt tegenkomen. Dat kan zo maar in een bosgebied, maar ook wel in je eigen tuin en de veroorzakers zijn glimwormen.

 

Hoe zien ze eruit
Allereerst de larve. Het lichaam van de larve is afgeplat en heeft een maximale lengte van 30 mm. Daarnaast heeft de larve gelige vlekken aan de rand van het lichaam en lijken ze veel op volwassen vrouwtjes. Verder zien de larven er wat rupsachtig uit en matzwart. Dus ik kan me voorstellen dat de mensheid ooit is gekomen op de naam worm bij deze glimkevers.
Vrouwtjes glimwormen zien er dus larveachtig uit en missen ook echte dekschilden en vleugels. Toch gaan ook de vrouwtjes larven door met hun ontwikkeling en verpoppen net zoals alle kevers. Na de verpopping krijgen de vrouwtjes glimwormen poten en een kop die hetzelfde eruit zien als die van de mannetjes. Tevens hebben ze zeer korte schilden gekregen, die meer weg hebben van schubben dan van schilden. Mannetjes glimwormen zien eruit zoals echte kevers, maar zijn kleiner dan de vrouwtjes. Ze hebben dekschilden, die bruinzwart tot donkergrijs zijn en daaronder hun vleugels. Wat aan de mannetjes ook goed opvalt zijn hun, in verhouding, zeer grote ogen.

Voorkomenglimworm2
In ons land zouden 3 soorten glimwormen moeten voorkomen, waarvan de grote glimworm de meest algemene is. Daarnaast kennen we ook nog de kleine glimworm en de kortschildglimworm
Grote glimworm (Lampyris noctiluca), leeft in diverse soorten vochtige leefgebieden. Je kunt ze tegenkomen in bosranden, in bermen, graslanden, begroeide oevers en in tuinen en parken.
Kleine glimworm (Lamprohiza splendidula) deze glimworm wordt ook wel het vuurvliegje genoemd. Dat laatste komt omdat de mannetjes kleine glimworm tijdens het vliegen een fel licht geven. Mannetjes grote glimworm doen dat niet. In mijn rijk IVN-leven heb ik dat weleens mogen beleven en ik was en ben daar nog van onder de indruk, want het was een waar spektakel. Je kunt kleine glimwormen tegenkomen vooral bij beekjes en dan het liefst in de bossen, maar ook bij open plekken en graslanden in de bossen. Helaas weten we in ons land nog te weinig over het aantal van deze soort.
Kortschildglimworm (Phosphaenus hemipterus) over deze soort weten we eigenlijk heel weinig, maar dat is ook logisch. De mannetjes zijn ongevleugeld en kruipen heimelijk rond en de vrouwtjes gloeien in de avond niet, dus vallen ze beiden niet erg op. Het is dan ook onduidelijk hoe het met de verspreiding van deze soort staat en wellicht ook de rest van de levenscyclus. Je kan ze tegenkomen in tuinen en parken en misschien ook wel in de bossen. De mannetjes zijn het meest actief bij warm weer overdag en vooral na een onweersbui. Ze rennen dan rond tussen de planten en over muren en paadjes, maar dan met het licht uit.

Op het menu staan
Op het menu van de larven van de grote glimworm en de kleine glimworm staan vooral slakken, zowel de huisjesslak als de naaktslak. Om huisjesslakken te verschalken gebruiken de larven een truc. Ze spuiten verteringssappen in de huisjes waardoor de slakken zich terugtrekken. Na een paar seconden kruipen de glimwormlarven naar binnen en slurpen de week geworden delen op. De larven van de kortschildglimworm heeft geen slakken op het menu staan, maar wel regenwormen. Bij alle drie de soorten glimwormen eten de volwassen dieren niet en teren ze vooral op de reserves, die in het larvaal stadium zijn opgebouwd. Daarnaast leven deze volwassen dieren ook maar enkele weken.

En dan is er licht
De naam glimworm of vuurvliegje hebben deze kevers te danken aan het feit dat ze licht kunnen produceren. Door een bijzondere biochemische reactie in speciale cellen in hun lichtorgaan komt er energie vrij in de vorm van fotonen (lichtdeeltjes), is licht. In de nacht gaan de lichtjes aan, maar waarom? We weten dat de grote glimwormvrouwtjes met dt licht overvliegende mannetjes proberen te lokken. Daarnaast gebruiken ze misschien die lichtjes om hun vijanden af te schrikken of in verwarring te brengen. De larven, de poppen en de eitjes geven enkel licht bij verstoring. Bijvoorbeeld doordat ze aangeraakt worden waardoor ze voor een langere tijd gaan gloeien. Daarnaast zijn de meeste ook nog eens erg vies van smaak of zelfs giftig.

Hieronder volgt per volwassen soort wie er licht maken en waarom ze dat doen;
Grote glimworm;glimworm3

vrouwtjes van deze soort lokken hiermee de mannetjes. Ze hebben de lichtorganen op verschillende plekken op het achterlichaam zitten. Allereerst zitten er op het 6e en 7e segment twee brede lichtbanden en daarnaast hebben ze op het 8e segment ook nog eens twee naast elkaar gelegen lichtvlekjes. De mannetjes gebruiken het klein lichtorgaan enkel bij verstoring. Daarvoor hebben ze op het voorlaatste segment twee naast elkaar gelegen lichtpuntjes.

Kleine glimworm; vrouwtjes van deze soort lokken met hun lichtseinen de mannetjes. Ze hebben daarvoor de volgende lichtorganen. Allereerst op het 6e segment twee lichtvlekken. Daarnaast op het 7e segment een ovaal-niervormige vlek en op de zijkanten van de andere segmenten een heel variabel aantal lichtvlekken. Uitzonderlijk zijn hierbij de voorste en de achterste, want die zijn het helderst. De mannetjes van deze soort maken er een waar lichtspektakel van, want zij vliegen na zonsondergang massaal gloeiend in het rond. Het licht van deze soort van bruiloftsdans gaat meteen aan als ze starten met vliegen. Hun lichtorganen zitten op het 6e en 7e segment en zijn twee niervormige vlekken.

Kortschildglimworm: de vrouwtjes van deze soort gebruiken de veel kleiner lichtorganen enkel bij verstoring. Op hun achterlijf hebben ze op het voorlaatste segment twee naast elkaar liggende bolletjes. En ook bij de mannetjes zij het kleine lichtorganen, die ze enkel gebruiken bij verstoring. Zij hebben daarvoor op het achterlijf op het voorlaatste segment twee lichtere vlekken.

Voortplanting
Zowel bij de grote als kleine glimwormen klimmen de vleugelloze vrouwtjes op een stengel. Daar aangekomen draaien de vrouwtjes hun achterlijf spiraalvormig naar boven. Duurt het te lang voor er een mannetje komt gaan ze het licht nog beter presenteren. Dit doen ze door het achterlijf nog hoger omhoog te steken en wiegen ze als echte showgirls met hun prachtige achterlijf. Na de paring legen de vrouwtjes maximaal 100 eitjes op een vochtige plek, vaak onder het mos. Helaas is voor hen de show dan over, want ze sterven meteen na het leggen van de eitjes.
Bij de kortschildglimworm blijven de honkvaste vrouwtjes zitten waar ze zitten en zoeken de rondrennende (vliegen niet) mannetjes naar hun bruiden. Wat er daarna gebeurd is nog vaag, maar het is zeker dat de vrouwtjes geurstoffen (feromonen) gebruiken om de mannetjes te lokken.

Tot slot nog even dit. Helaas geven waarnemingen en gegevens uit de ons omringende landen aan dat het sinds 1950 slecht gaat met de glimwormen. Hopelijk komt er een kentering, want het zou toch een groot gemis zijn als we in juni geen prachtige dwaallichtjes meer zien in onze bossen, parken en tuinen.


Bron;
1) de grote encyclopedie der insecten – Rebo producties
2) internet.
Foto's: Frans Kapteijns en Saxifraga.