Zuid-Holland
Natuur in de Buurt
vrijdag18mrt2022

Terugblik: Webinar klimaatadaptief bouwen voor woningcorporaties 

Zuid-Holland staat voor een enorme bouwopgave: tot 2025 moeten er zo’n 100.000 woningen bijkomen. Bovendien is het de uitdaging om deze woningen zoveel mogelijk klimaatbestendig en natuurinclusief op te leveren. Welke kansen en knelpunten levert dit op voor woningcorporaties? En hoe kun je als corporatie gebruik maken van het convenant Klimaatadaptief Bouwen? Woningcorporaties hoorden daar meer over tijdens een lunchwebinar op dinsdag 15 maart.

In Zuid-Holland is in 2018 het Convenant Klimaatadaptief Bouwen opgesteld. Met als doel: het verminderen van wateroverlast, hittestress, droogte en bodemdaling en het vergroten van de biodiversiteit. Het convenant stimuleert partijen om klimaatadaptief te bouwen en biedt daar praktische handvatten voor.

Sander van der Wal van &Flux vertelde tijdens het webinar hoe het convenant woningcorporaties kan helpen. Dit zijn de belangrijkste instrumenten uit het convenant:

Natuurinclusief bouwen vermindert niet alleen de hittestress, het draagt ook bij aan een hoogwaardige woonomgeving, vertelde Van der Wal. Een natuurinclusieve buurt bevat minimaal dertig procent groen op buurtniveau. Als praktijkvoorbeeld werd onder andere Amstelwijck Park in Dordrecht genoemd, een wijk waarbij eerst het landschap is vormgegeven, en daarna pas de woningen. 

In het webinar was ook aandacht voor een aantal dilemma’s, zoals: corporaties gaan over gebouwen maar voor sommige opgaves zijn aanpassingen in de openbare ruimte nodig. En daar gaat de gemeente of de provincie over. En de meerkosten van natuurinclusief bouwen kunnen door woningcorporaties niet worden doorbelast aan de eindgebruiker. 

Praktijkvoorbeeld Rijswijk

Het Havenkwartier van Rijswijk wordt de komende jaren omgevormd naar een plek met een mix van wonen, werken en recreatie. Biodiversiteit is een van de pijlers van de transformatie, vertelde Reinder de Boer van de gemeente Rijswijk tijdens het webinar. Van tevoren heeft de gemeente een aantal doelsoorten vastgesteld waar de omgeving geschikt voor wordt gemaakt. Zoals de huismus, merel, dwergvleermuis en gierzwaluw. Voor die dieren komen er bijvoorbeeld voldoende broedplekken en schuilgelegenheden. Door de wijk interessant te maken voor deze doelsoorten, volgen er snel andere dieren, de zogenoemde volgsoorten, vertelde De Boer. Als een plek bijvoorbeeld interessant is voor de huismus dan is de kans aanwezig dat de zwarte roodstaart snel volgt. De gemeente Rijswijk is blij met dit ontwikkelingsproces en hoopt dat nog meer buurten meer natuurinclusief heringericht kunnen worden in de toekomst. 

Dit webinar is onderdeel van het programma Groen Dichterbij en werd mede mogelijk gemaakt door de Provincie Zuid-Holland en gemeente Rijswijk.