Vogeltellingen

De Holten (broedvogeltelling):
In het voorjaar telt de vogelwerkgroep de broedvogels in het gebied De Holten, aan de westzijde van Vries. Dit zijn zogenaamde BMP-tellingen (Broedvogel Monitoring Project) voor Sovon, een landelijke organisatie op het gebied van vogelonderzoek.
Het gebied is landschappelijk zeer gevarieerd. Het omvat besloten grasland met houtwallen, zandwegen, akkers en het Holtveen, bestaande uit een ven omgeven met bos. Er worden ca. 9 tellingen uitgevoerd in de periode maart-juli, waarvan 1 in de avond en de rest vroeg in de ochtend na zonsopkomst. Hierbij tellen we niet de aantallen vogels, maar het aantal vogelterritoria. In de praktijk komt het er vaak op neer dat een vogel moet zingen (dit is territoriumgedrag) om mee te tellen. Vaak is het waarnemen van een paartje ook voldoende voor een geldige waarneming.
De meest voorkomende soorten in het gebied zijn de Zwartkop, Roodborst, Winterkoning, Tjiftjaf en Merel. Andere vaste broedvogels zijn o.a. Geelgors, Gekraagde Roodstaart, Dodaars, Grauwe Vliegenvanger en Bosuil.

Het broedseizoen 2026 mag best opmerkelijk genoemd worden. Nogal wat soorten ontbreken dit jaar, maar ook hebben we 2 nieuwe soorten kunnen noteren. Dit resulteert in een totaalscore van 40 soorten (vrij gemiddeld). Het totale aantal territoria is 294, dit is wel een stuk of 50 lager dan we al jaren gewend zijn.

De 2 nieuwe soorten zijn de Middelste Bonte Specht en de Spotvogel. Al jaren zit ik op de MBS te wachten, gezien de toename in Drenthe. Ik heb wel mijn twijfels of de MBS een echt territorium betrof, want na een vroege waarneming in maart heb ik deze nooit meer gehoord. Wat betreft de Spotvogel vind ik het eerder verbazingwekkend dat we deze nog nooit eerder in het gebied hebben waargenomen.

Het lage aantal territoria komt niet door de Zwartkop (43). Dit is een nieuw maximum en de Zwartkop is daarmee met afstand de nr. 1 in het gebied. De top-5 wordt gecompleteerd door Tjiftjaf (29), Vink (26), Roodborst (25) en Pimpelmees (20). Ook hebben we een nieuw maximum voor de Putter (2), terwijl Groenling (3) het maximum heeft geëvenaard. Mooi dat Koekoek (1), Holenduif (1), Kuifeend (1) en Appelvink (1) dit jaar wel weer vastgesteld zijn.

Daarentegen is er een nieuw minimum voor de Merel (16) en Winterkoning (19). Ongetwijfeld heeft de afgelopen winter met veel sneeuw de Winterkoning parten gespeeld. Andere soorten die het beduidend minder hebben gedaan dan de afgelopen jaren zijn Houtduif (8), Zanglijster (6), Gekraagde Roodstaart (2), Heggenmus (4), Boompieper (5) en Geelgors (5). Ik vind het opvallend hoe weinig Geelgorzen er nog zitten rond het Holtveen. Is de sierteelt van de afgelopen jaren hier van invloed op geweest ? Dit jaar was er geen sierteelt rond het Holtveen.

En dan zijn er dit jaar nogal opmerkelijke ontbrekende soorten. De Brandgans was inmiddels een vaste waarde in het Holtveen, maar dit jaar geen geldig territorium. Ook de Spreeuw is wel waargenomen, maar niet genoeg voor een territorium. De laatste keer dat we geen Grote Lijster hadden was 2014. Vorig jaar was de enige waarneming net binnen het gebied, dit jaar net er buiten. Een ontbrekende soort die me niet verbaast is de Goudvink. Al jaren hoor ik vrijwel geen Goudvinken meer hier in de omgeving. Ook het ontbreken van de Goudhaan is niet meer verrassend. Ik las net dat toename Vuurgoudhaan en afname Goudhaan een landelijke trend betreft. Verder is het jammer dat Kleine Bonte Specht, Staartmees en Witte Kwikstaart dit seizoen gemist zijn.

Download hier een volledig overzicht van de tellingen.

Overzicht_BMP_De_Holten_2026

 

Bongeveen (herfst- en wintertelling):


Sinds 2010 deed de vogelwerkgroep van IVN Vries maandelijks van september tot februari vogeltellingen in het Bongeveen, dat ligt ten westen van Bunne. In 2017 zijn we hier mee gestopt.

Het KNNV te Assen verricht in dit gebied, dat in eigendom is van Stichting Het Drentse Landschap,  al langer broedvogeltellingen.
Het Bongeveen is een klein restant van wat vroeger een veel uitgestrekter veengebied was. Voor een dergelijk klein gebied heeft het een behoorlijk grote vogelrijkdom. Een typerende soort voor dit gebied is de Wintertaling, waarvan er soms wel ca. 100 geteld kunnen worden. Ook de Watersnip voelt zich hier thuis. Bij vorst trekken echter veel watervogels weg naar gebieden met open water.

Midwintertelling watervogels:
Elk jaar worden er halverwege januari in internationaal verband (van Noorwegen tot Zuid-Afrika) alle watervogels geteld in een selectie van gebieden. Meer informatie is te vinden op www.sovon.nl. IVN Vries telt o.a. de watervogels in het Esveen en Kostersveen (Vries).

Huiszwaluwen atlasblok 12-34:
In de zomer worden de nesten van Huiszwaluwen geïnventariseerd in het atlasblok 12-34 (Heidenheim, Zeegse, Oudemolen, Taarlo)

Overige tellingen:

Verder is de vogelwerkgroep betrokken bij ganzen- en zwanentellingen, MUS (meetnet urbane soorten) en MAS (meetnet agrarische soorten). Meer informatie is te vinden op www.sovon.nl. (ook t.a.v. vacante gebieden). En dan is er natuurlijk nog de jaarlijkse tuinvogeltelling in januari, waaraan u vanuit de huiskamer ook mee kunt doen.