Insecten en bodemdieren
Juweeltjes in de tuin
Goudwespen zijn niet alleen hele mooie kleurrijke insecten, ook hun leefwijze is interessant.
In Nederland vliegen tientallen verschillende soorten goudwespen. Sommige lijken erg op elkaar, maar de goudwesp op de foto zou de Pseudomalus auratus kunnen zijn, oftewel de Langharige kogelgoudwesp. Een klein insect van hooguit 7 mm. Je kunt ze van mei tot september zien vliegen in bosrijk gebied, maar ook in je tuin. Ze likken als voedsel voedingstoffen op uit honingklieren op plantenbladeren, zoals hier op het blad van de kleine kaardebol.

Hoewel de goudwespen tot de angeldragers horen, kunnen ze niet steken. De angel is onderontwikkeld, en in plaats daarvan hebben de vrouwtjes een legbuis. De legbuis zit opgeborgen in het achterlijf, en komt tevoorschijn op het moment dat ze een eitje legt.
Goudwespen hangen vaak rond bij bijenhotels of kolonies wilde bijen. Dat doen ze met een goede reden, want ze zijn op zoek naar de nesten. Ze zijn parasieten die hun eitjes leggen in de broedcel van bijen, graaf- en bladwespen. Het vrouwtje kruipt in een onbewaakt ogenblik in de gang waar de ‘gastvrouw’ net haar ei heeft gelegd en legt haar eigen ei daarbij. Dit laatste eitje komt vrijwel direct uit en de larve doet zich tegoed aan de voedselvoorraad die de gastvrouw in de broedcel had gelegd en de gastvrouwlarven die later uitkomen. Na het verpoppen vliegt de goudwesp uit.
Tekst: Edda Kammenga, foto: Frans Kromme