Ons werkgebied

IVN-afdeling Oost-Veluwezoom (Velp, Rheden, De Steeg, Ellecom, Dieren, Laag Soeren, Spankeren en Rozendaal) prijst zich gelukkig haar werkzaamheden te kunnen uitvoeren in een schitterende omgeving. Behalve bossen zijn hier uiterwaarden, heidevelden, sprengen en beken, alsook prachtige landgoederen te vinden. In dit gebied leven edelherten, reeën, zwijnen, dassen, boommarters, haviken, sperwers en buizerds. Grote grazers als Schotse hooglanders en IJslandse pony's worden ingezet bij het beheer van de diverse terreinen.
Onze afdeling, die in 1963 werd opgericht, telt veel ervaren en deskundige natuurgidsen die u graag willen begeleiden bij tochten door heden en verleden van dit rijke natuurgebied.

Geschiedenis van het landschap

Foto: Corlène van der CampHet Veluwse landschap is ongeveer 150.000 jaren geleden, in de voorlaatste ijstijd ontstaan. IJsmassa's bedekten de helft van Nederland. Enorme gletsjers duwden de bodem opzij en zo ontstonden de nu nog bestaande stuwwallen. Het ijs sleet ook diepe dalen in het landschap en aan het einde daarvan ontstonden zogenaamde eindmorenen. Er is nog veel in het terrein waar deze geschiedenis zich laat aflezen. In de laatste ijstijd bereikte het ijs ons land niet meer en heerste er hier een toendraklimaat waarbij de bodem voor het overgrote deel van het jaar bevroren was. In de zomermaanden ontdooide de bovenlaag en zocht het smeltwater een weg naar de laagste plekken terwijl het zand en puin meevoerde. Het sleep dalen in het landschap en onderaan deze erosiedalen ontstonden de zogenaamde. puinwaaiers waarop de dorpen Dieren, De Steeg en Rheden zijn gebouwd.

Het recent verleden

Tegen het eind van de 19e eeuw werd bij Beekbergen het laatste stukje authentiek oerbos in Nederland gekapt. Alle bosgebied dat er nu te vinden is, is ontstaan door mensenhanden, of tenminste zeer door de mens beïnvloed. Echt natuurbos, zoals dat nog in Polen te vinden is, bestaat uit 40-45% dood hout. In Nederland proberen boseigenaren hun gronden weer wat natuurlijker te laten worden dan ze tot voor kort waren. Dit is de reden dat in veel van de huidige bosgebieden nogal wat dood hout te vinden is. Het komt de levensomstandigheden van dieren en planten in het bos ten goede.

Ooit was geheel Nederland en dus ook de Veluwe begroeid met bomen. Doordat er meer en meer mensen kwamen, kregen de bossen een economische waarde, ze werden beschouwd als productiebossen. Er was hout nodig om te stoken, om gereedschap van te maken, om huizen mee te bouwen enzovoort. Ook werden er; net als nu in Indonesië en Brazilië bossen platgebrand om akkers te verkrijgen. Daardoor was er in het midden van de 19e eeuw nauwelijks bos over. Heidevelden en zandverstuivingen voerden de boventoon. Als reactie daarop ontstond van staatswege een vorm van bosbeheer: Staatsbosbeheer (1899) werd opgericht. Dat de Veluwe deels weer een boslandschap is geworden, is dus te danken inspanningen van de mens.

Wat groeit er op de Veluwse gronden?

Het overgrote deel van de Veluwe bestaat uit voedselarme zandgronden. Er groeit voornamelijk grove den. De vele landgoedeigenaren aan de randen van de Veluwe, waar de bodem voedselrijker én vochtiger is, probeerden hun landgoederen gevarieerder te maken en plantten prachtige Foto: Corlène van der Campbeukenlanen aan en allerlei exotische bomen die in Nederland van oorsprong niet voorkwamen. Amerikaanse eiken, Tamme kastanjes, Douglassparren, Fijnsparren (ten onrechte "kerstbomen" genoemd), Japanse Larix, Esdoorns en nog vele andere fraaie bomen sieren deze landgoederen. Dat bleef niet altijd zonder vervelende gevolgen: de Amerikaanse eik bijvoorbeeld, wint het altijd van de inheemse doordat hij veel harder groeit en zich enorm uitzaait.
Vandaag de dag stelt men zich op het principe dat de niet-inheemse bomen maar weer uit de natuurlijke bossen moeten verdwijnen. In de parkachtige landgoederen langs de Veluwezoom zullen zij echter zeker behouden blijven. Het zal duidelijk zijn dat onze bossen en landgoederen niet zonder beheer kunnen, de ontwikkeling moet begeleid worden, al probeert men hier en daar die bemoeienis steeds meer te verminderen, in de hoop dat op deze manier weer een echt natuurbos ontstaat.

Vereniging Natuurmonumenten

De Vereniging Natuurmonumenten is eigenaar van het Nationaal Park Veluwezoom. Onze IVN-afdeling vertoeft veel en vaak in dit gebied omdat onze gemeente erdoor omringd is. De eerste aankoop van Natuurmonumenten die zou leiden tot een enorm aaneengesloten natuurgebied, was het landgoed Hagenau dat in 1910 te koop werd aangeboden.
Om dit voormalige wildpark van de prinsen van Oranje te kunnen kopen, sloot Natuurmonumenten een lening af en tot grote vreugde van de bevolking, die daadwerkelijk feest vierde uit blijdschap over deze aankoop, werd het voortbestaan van het landgoed Hagenau veiliggesteld. In 1919 volgde de aankoop van Rhederoord, een jaar later gevolgd door Het Asselt.
Tien jaar later werden de Rheder en Worth-Rheder heide gekocht. Door een lening en vele giften van begunstigers kon Natuurmonumenten de landgoederen Beekhuizen en Herikhuizen aanschaffen. In 1933 volgde toen nog de Onzalige Bossen en in 1938 de Imbosch. Tenslotte kon Natuurmonumenten in 1955, met hulp van rijk en provincie, de Schaddevelden, en in 1969 het landgoed Heuven kopen. Het bezit telde hiermee 4.500 ha en is het grootste aaneengesloten natuurgebied dat de vereniging Natuurmonumenten in haar bezit heeft.

Historie

In 1648 liet prins Willem II 1.400 ha wildpark aanleggen dat 7 bossen van de Veluwe omvatte, gelegen in Hagenau, Onzalige Bossen, het Asselt en Rhederoord. Koning-stadhouder Willem III liet naderhand koningswegen aanleggen. Een daarvan liep van het jachtverblijf Hof te Dieren (thans bezit van de Stichting Twickel) langs de Carolinahoeve, dwars door de onzalige bossen, in rechte lijn naar de Ginkelse heide waar de koning eveneens een jachtslot bezat. In het bosgebied van Hof te Dieren is nog steeds de Koningslaan te vinden.

Het Hof te Dieren

Het verhaal ging dat in het bosgebied van het Hof, dat omsloten werd door houten schuttingen waardoor de bevolking niet meer dan een glimp kon opvangen van de vorstelijke jachtpartijen, helpers van de koning de zwijnen uit het struweel de laan opjaagden waarna de koning ze zonder al te veel moeite kon neerleggen… Ook ligt hier de Carolinaberg, een punt waar vandaan in stervorm een groot aantal lanen wegloopt. Het Hof te Dieren dateert uit de 11e eeuw.Er zijn nog slechts enige restanten van het vorstelijke jachtverblijf over maar het park er omheen wordt in volle glorie hersteld. De prachtige Hof wordt eenmaal per jaar voor het publiek opengesteld.

Landgoed Middachten

In het landgoed Middachten, achter De Steeg, ligt de Carolinahoeve die evenals de Carolinaberg vernoemd is naar de dochter van Willem IV. De Carolinahoeve kent ook een rijke historie. Tot 1973 werd de hoeve verpacht en toen gesloten. Een comité met o.a. Simon Carmiggelt en Wim Kan beijverde zich ervoor dat de Carolinahoeve als restaurant kon worden voortgezet. Menigeen strijkt ook nu nog tijdens een wandeling hier neer voor een pannenkoek of een glaasje fris.