2021 08 Verdwenen dieren rond het huis (1), Gert-Jan Roebersen

Heeft u dat ook? Dat iets nieuws u meteen opvalt, maar dat u pas na een tijd opmerkt dat er iets is verdwenen? Zoals dat leuke kleine huisje ‘Mapaédoviezo’ aan de Amsteldijk, waar een zevenkoppig gezin heeft gewoond. Opeens besefte ik dat het er niet meer stond, terwijl ik al wel enkele keren was langs gefietst. Nu staat er een villa; die viel wel direct op.

avn egelOnlangs besefte ik dat ik tegenwoordig bepaalde dieren mis, die ik vroeger regelmatig in de buurt van mijn huis tegenkwam. Bijvoorbeeld de egel. In de vorige eeuw (zoals dat nu heet) scharrelde er geregeld een in de laantjes rondom ons huis, en soms ook in de achtertuin. Op straat kwam je soms een doodgereden egel tegen. Dat leek erg, maar erger is dat je nu helemaal geen egels meer ziet, levende noch dode. Dat betekent namelijk dat zij helemaal uit de bebouwde kom zijn verdwenen.

De oorzaken zijn bekend: in mijn straat zijn geleidelijk de heggen tussen de tuintjes vervangen door hoge schuttingen (vanwege privacy?). Een kat klimt eroverheen, een egel kan er niet onderdoor. En voor een egel is er niets meer te halen in de vrijwel volledig betegelde achtertuinen. Mijn tuin is zowat de enige in het rijtje met een laag hekje, en planten en struiken naast het terrasje.

Andere dieren profiteren ervan: de laatste jaren worden we geplaagd door grote aantallen slakken, vooral dikke naaktslakken, die alle kwetsbare planten aanvreten. We vangen ze zoveel mogelijk weg, want met slakkengif los je het probleem niet op. Slakkengif is ook dodelijk voor dieren die slakken eten, zoals egels, merels en andere vogels. Misschien heeft strooien met slakkengif wel de laatste egels verjaagd…

Een nieuwe bedreiging voor egels zijn robotmaaiers, die steeds populairder worden. Zij ontwijken de egels niet, waardoor die verminkt worden. Voorkomen is eenvoudig: de robotmaaiers ’s nachts uitzetten, wanneer egels rondscharrelen.

Ook vleermuizen zie ik nooit meer. Op warme zomeravonden, in de schemering, zag je soms deze diertjes rondfladderen. Als je een steentje opgooide, doken zij er achteraan, omdat het op een prooi leek. Zelf ben ik medeschuldig aan hun verdwijning, want in de jaren ’80 heb ik de spouwmuur laten isoleren. Goed voor milieu en klimaat, maar slecht voor de vleermuis, die zo zijn onderkomen is kwijt geraakt. Daarvoor moeten nu speciale vleermuiskasten worden opgehangen. In sommige wijken van Amstelveen zitten ze gelukkig nog wel.

De vogelbevolking van stad en dorp wordt ook steeds minder gevarieerd. Over verdwenen vogels (en een enkele die is teruggekomen) gaat het een volgende keer.

Gert-Jan Roebersen

Natuurgids IVN Amstelveen

Het is verboden deze column te dupliceren of te gebruiken zonder uitdrukkelijke toestemming van de schrijver/fotograaf/tekena(a)res.