Natuurfotografie
Verslag Nightlife
De Culturele Raad en IVN hebben samen het initiatief genomen om de film Nightlife te laten zien in het Dorpshuis. De film is gemaakt in de stad Groningen. Klaas Molema van de Culturele Raad heette eenieder van harte welkom.
Hij gaf aan dat deze samenwerking tussen de Culturele Raad en IVN perspectief biedt voor de toekomst. Na een korte inleiding gaf hij het woor
d aan filmmaker Anice Hut. Zij heeft de film samen gemaakt met Andres Fouché. Zij gaf aan dat hun uitgangspunt voor de film het perspectief van jongeren is. Een film als een muziekclip, maar wel wetenschappelijk onderbouwd.
In de film wordt het nachtleven van de stad benaderd door de verbeelding hoe dieren de stad zien: een spin, een rat en een uil. Het leefgebied van de spin is enkele vierkante meters. Volledig aangepast zoekt de spin z’n prooi en rust. De rat, vaak als een vervelend dier gezien, is een cultuurvolger. Waar mensen zijn, zijn ratten. Omdat ze in feite nauw verwant zijn aan ons, kunnen ze ziekten overbrengen. Dat heeft ervoor gezorgd dat de rat gevreesd en bestreden wordt. Maar ratten zijn goed
aangepast aan hun leefomgeving. In feite weten wij helemaal niet wat zich onder de stad allemaal afspeelt. De kerkuil tenslotte heeft z’n leefgebied buiten de stad. Alles is aangepast om een prooi te vinden: de plaatsing van de oren waardoor een uil driedimensionaal kan horen, de geluidloze vlucht en het aanpassen aan het donker. Anice Hut vertelde na de filmdocumentaire hoe ze het benaderd hebben en beantwoordde vragen.
Na de pauze kreeg haar vader, Roelof Hut, het woord. Hij is chronobioloog, dat houdt kortgezegd in dat hij zich bezighoudt met de manier hoe alles binnen de biologie reageert op tijd. Het ritme tussen waken en slapen, de invloed van licht en de aanpassingen die hiervoor nodig zijn, het wordt allemaal geregeld door de biologische klok. Zelfs de alleroudste levensvormen zoals bacteriën hebben dit. Aan de hand van een PowerPointpresentatie liet Roelof zien wat de invloed van lichtvervuiling op deze biologische klok is. Eén van de lastigste aspecten hiervan is het feit dat er geen consensus bestond tussen wetenschappers wat lichtvervuiling precies is. Sinds kort is deze consensus bereikt en kan er gericht worden gewerkt om iets aan dit probleem te doen.
Door de invloed van kunstlicht wordt de natuur steeds vaker en langer blootgesteld aan licht en wordt het evenwicht tussen waken en slapen verstoord. Veel van dit licht is bovendien overbodig en in veel gevallen te fel. De technische ontwikkelingen gaan ook door: door de komst van LED kunnen we de kleur eenvoudig aanpassen. Er wordt onderzoek gedaan naar de kleuren van het licht. Waar reageren dieren op en wat kan voor de toekomst het meest ideale kunstlicht zijn?
Hierdoor ontstaan ook weer onverwachte situaties. Veel insecten die ’s nachts actief zijn, zoals motten, vliegen rond een lichtbron en vormen een prooi voor de kleinere soorten vleermuizen. Maar die lichtbronnen zijn juist weer nadelig voor de grotere, veelal meer zeldzame soorten vleermuizen.
Over de hele wereld zijn er routes waarlangs vogels vliegen. Veel van deze routes lopen langs de kust, en langs de kust zijn meestal ook de grote steden en industriegebieden. Vogels raken door al dat licht gedesoriënteerd. Ook boorplatforms zorgen in de volledige duisternis van de zee voor desoriëntatie. Hierdoor vliegen veel vogels zich te pletter tegen gebouwen of raken uitgeput en vallen in zee.
Er werden na de lezing vragen gesteld waar Roelof de tijd voor nam om ze zorgvuldig te beantwoorden. Rond tien uur sloten Klaas Molema en Leo Stockmann de avond af door de bezoekers te bedanken voor hun komst. De sprekers kregen een Groninger koek aangeboden.
Tekst: Sjouke Bouius, foto’s: Els Bouius en Saskia van Rouveroy