Een Gouden ontmoeting …
4 februari 2026, een Gouden ontmoeting …
Op een mooie dag in februari kijk ik uit het raam van ons huis en zie verschillende vogeltjes in de tuin rondfladderen op zoek naar eten. De zaadjes die ik voor ze had neergelegd op verschillende plekken zijn inmiddels op en moeten nodig weer worden aangevuld. Maar ondanks dat, is het gezellig druk in de tuin. Een niet al te grote tuin, midden in een woonwijk, zonder sparren of coniferen met de doorsnee bezoekers als koolmezen, vinken en kauwen. Maar ineens zie ik een piepklein vogeltje tussen de takken bewegen en mijn aandacht is getrokken. Voorzichtig schuif ik de luxaflex opzij zodat ik beter zicht heb op de tuin en probeer het bewegelijke beestje te volgen. Het is te klein voor bovengenoemde vogels maar wat kan het dan zijn? Ineens draait hij zijn kopje mijn kant op en zie ik een felgeel streepje op zijn kop … wauw zit hier nu een goudhaantje? Ik weet, verkleinwoordjes mogen niet meer in de vogelwereld maar hallo, dit is Europa’s kleinste vogeltje van amper 9 cm dus ik noem hem gewoon nog goudhaantje. Snel pak ik mijn fotocamera, schuif de deur een stukje open en ga achter de eettafel op de grond liggen. Verdekt opgesteld in de hoop dat hij mij niet in de gaten heeft. Hij gluurt tussen de takjes door maar ziet mij niet en waant zich veilig en gaat op een takje zitten waar ik hem nog beter kan zien.
Je kunt dit vogeltje tegen komen in sparrenbossen, op de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug, maar dus kennelijk ook in mijn tuin. Het eigenwijze beestje met kraaloogjes en een echte ‘hanenkam’ zit hier gewoon voor mijn neus mooi te wezen. Hij is zo schattig. Als mijn man de kamer binnenloopt, kijkt hij vervreemd op als hij mij op de grond ziet liggen achter de eettafel. Wat doe jij nou, hoor ik hem zeggen? Niet bewegen mompel ik terug, er zit een goudhaantje in onze tuin en als hij je ziet, is ie weg. Nieuwsgierig kijkt hij de tuin in en ja hoor hij ziet hem ook. Samen genieten we van dit bliksembezoek en als hij naar de tuin van de buren hupst, kunnen we weer rustig ademhalen. Zal hij morgen terugkomen? Of was dit een eenmalige tussenstop op een willekeurige plek? Een paar dagen later spot ik hem weer en later zelfs met z’n tweeën. Wie weet maken ze wel een nestje, wordt vervolgd.
Carola Jansen
IVN-natuurgids