Zeeland
Kind & Natuur
maandag01apr2019

Wat klein begon.. Natuuroudernetwerk Tholen

‘De helft van de scholen op Tholen hebben al Natuurouders. Dat willen we uitbreiden naar alle scholen, zodat er op alle scholen natuureducatie is voor kinderen.' Digna van Poortvliet is één van de initiatiefnemers van de Natuurouder-werkgroep in Tholen. Samen met Renée Bijl is ze druk bezig deze werkgroep tot een succes te maken. Wat klein begon, als Natuurouder op de school van haar kinderen, is inmiddels uitgegroeid tot een ambitieus plan. Wij interviewden haar over deze ontwikkelingen.

Digna van Poortvliet en Renée Bijl

‘Een Natuurouder neemt de kinderen van een klas onder schooltijd mee naar buiten, om ze de natuur te laten ontdekken. Hiermee ondersteunt een Natuurouder de leerkracht. Met het Natuuroudernetwerk willen we dat Natuurouders een groep worden, elkaar kunnen inspireren en dat gezien wordt wat je doet. Mensen staan steeds verder af van de natuur. Daarom is het zo belangrijk dat je kinderen er bewust van maakt. Dat je ze van jongs af aan bewondering voor de natuur meegeeft.  

Renée en ik maakten ons zorgen over de voortgang van natuureducatie op Tholen. Op het eiland is geen NME-centrum, daar is het net iets te klein voor. Dan moet je een andere weg zoeken als je toch wilt zorgen dat er voldoende aandacht is voor natuureducatie op scholen. Daarom hebben wij een plan van aanpak geschreven om voor alle kinderen natuureducatie te realiseren. Dit hebben we gepresenteerd aan de gemeente en de LEA (lokale educatieve agenda waar alle scholen in vertegenwoordigd zijn). Daar is een samenwerking uit ontstaan met gemeente Tholen, de LEA en IVN.  We zitten nu in de opstartfase van de Natuurouder-werkgroep. We krijgen al hele enthousiaste reacties van nieuwe natuurouders en scholen die geen natuurouders hebben.’

Hoe het allemaal begon

‘Het is allemaal begonnen op de school van mijn kinderen. Ik werd vier jaar geleden gevraagd als Natuurouder. Ik heb de opleiding voor Beheer kinderboerderij gedaan en daar is educatie een onderdeel van. Natuureducatie is dus geen onbekend terrein. Renée is er bijgekomen en het is leuk om het samen te doen. Zij heeft bij het waterschap gewerkt, dus wij vullen elkaar aan. Ieder jaar organiseren wij per klas twee activiteiten. Daar zit een opbouw in met verschillende leerlijnen die we zelf hebben geschreven. Ik snap natuurlijk wel dat niet iedere Natuurouder zo’n groot programma kan dragen. Wij willen uitdragen dat het niet moeilijk hoeft te zijn. Zo hebben we ook lesbrieven gemaakt ter ondersteuning aan de leskisten die de gemeente beschikbaar stelt. In die leskisten zit zo veel dat je als Natuurouder kan denken ‘o jee wat moet ik hier mee’. Met de lessen heb je een basis om mee te werken. Ook een leerkracht kan zo aan de slag op een simpele manier. Voor een kind is het uiteindelijk niet belangrijk hoe een plantje heet. Je wilt ze een beleving meegeven en dat kan ook zonder kennis.’

Enthousiasme overbrengen

‘Met een persoonlijke aanpak krijgen we de andere tien scholen ook nog om.’ Vol overtuiging praat Digna over het netwerk. ‘Wij hebben ooit zelf een Natuuroudercursus gedaan om contact te maken met andere Natuurouders. Naast de cursus zijn er weinig momenten waarop je elkaar ziet. Daarom hebben we vorig jaar een natuurouderochtend georganiseerd, om contact te houden onderling, ideeën uit te wisselen en nieuwe leskisten te presenteren. Het is belangrijk om te zien dat je een groep bent en er niet alleen voor staat. Daarvoor is het netwerk ook bedoeld. We willen straks ook samen met nieuwe Natuurouders een gastles gaan geven. Zo kunnen we ze laten zien dat je niet bang hoeft te zijn om te beginnen. Als je het enthousiasme wat je zelf hebt kan overbrengen, dan ben je er al.’ Ons heeft ze in ieder geval al overtuigd.