De Honingbij (Koningin)

Apis mellifera

bijenkoninginVan links naar rechts: werkbij, dar, koningin

Het bijenvolk
Bijen zijn insecten en behoren evenals de verschillende wespen, hommels en mieren tot de vliesvleugeligen.

Bijenvolken hebben een sterke hiërarchie. Bijenvolkeren kunnen heel groot worden. Alle volkeren bestaan uit ongeveer dezelfde opbouw. De aantallen per volk verschillen per seizoen, Eén koningin, vele duizenden werkster (vrouwtjes) en enkele honderden darren (mannetjes). De koningin is een vrouwelijke bij, die voor het nageslacht zorgt. De werksters zijn onvruchtbare vrouwelijke bijen, die al het andere werk doen. De darren zijn de mannelijke bijen, zij paren met de koningin en hebben daarna geen taak meer. Sterker nog, na de koningin bevrucht te hebben op haar bruidsvlucht sterven de darren (zie illustraties volgende pagina). De darren halen zelf geen voedsel, maar worden gevoerd door de werksters. In de nazomer, wanneer er minder honing gehaald wordt en de darren niet meer nodig zijn, jagen de werksters hen de kast uit. Desnoods worden ze doodgestoken. Dit wordt de darrenslacht genoemd.

De bruidsvlucht van de koningin
Vijf tot vijftien dagen na haar geboorte paart zij hoog in de lucht met soms wel tien darren en legt daarna eitjes waaruit alle leden van de kolonie voortkomen. Daarna verlaat ze de kast nooit meer voor een aanvullende bruidsvlucht. De koningin is ongeveer 8 dagen na haar geboorte op de top van bevruchtbaarheid. De ontvangen sperma bewaart ze in een kleine spermatheek (zie onderstaande illustratie) tot haar dood.

bevruchting bijenkoningin bevruchting bijenkoningin

De dar bestijgt de moer. Op haar bruidsvlucht trekt de koningin door geursignalen de darren aan

bevruchting bijenkoningin bevruchting bijenkoningin
  Spermatheca=opslag voor sperma
Oviduct = eileider
Ovary= eistok
Endophallus=geslachtsorgaan van de dar
Drone=dar

Knap, zei ‘t . . . Het bevruchtingsteken, de 'vlag', blijft achter. De dar dwarrelt stervend omlaag. De rol van de darren zit erop.

Boris Börger