IVN natuur in Amsterdam
Natuur in de Buurt
woensdag22jun2022

Maak kennis met het coolste nachtdier op 27, 28 en 29 augustus

IVN'er Janneke loopt in de nachtelijke uurtjes door Amsterdam om vleermuizen te lokaliseren en te observeren. Een wereld waar zij per ongeluk terecht is gekomen. Het hadden net zo goed ringslangen kunnen zijn. De verborgen en mysterieuze wereld van de vleermuizen is wat zij zo geweldig vindt. Helaas hebben de beestjes een slecht imago! Vele mensen vinden vleermuizen griezelig of vies, maar het zijn prachtige wezens die een grote bijdrage leveren aan de natuur!  Stel je voor: word je wakker uit je winterslaap en opeens is iedereen bang voor je! Niet alleen zou ik in een vampier kunnen veranderen, drink ik jouw bloed maar ook draag ik nog eens corona bij mij! Maar niets is minder waar.

Vliegende zoogdieren met een imagoprobleem

Om mijn imago flink op te krikken is daar de Nacht van de Vleermuis op 27, 28 en 29 augustus! Tijdens dit weekend kan je niet alleen ontdekken dat ik het coolste nachtdier ben maar ook het enige zoogdier ben dat kan vliegen! Ook in Amsterdam ben ik volop met mijn familieleden te vinden!  Overdag slaap ik hangend op mijn kop én ben weggekropen op plekken waar ik moeilijk bereikbaar ben voor roofvogels, uilen, marters én katten. Wij zitten graag op warme, droge, donkere plekken. Bijvoorbeeld in een spouwmuur, onder dakpannen van een modern gebouw, achter de betimmering of in een boomholte. En soms in een oud gebouw. Tijdens mijn winterslaap, slaap ik op plekjes waar ik niet gestoord word: in huizen, holle bomen en rotsachtige gebouwen zoals bunkers en forten. In de zomer ben ik lekker actief én dan zie je mij in een rap tempo langs je raam vliegen op zoek naar muggen, motten en spinnen! En soms eet ik ook kevers of nachtvlinders. Wees gerust, ik drink je bloed niet! Van de 1000 vleermuissoorten op de wereld, drinken er maar twee bloed. En die wonen niet in Nederland!

In Nederland kom je 18 soorten van mij tegen én we zijn bijna allemaal gladneuzen. En heel soms kom je een hoefijzerneus tegen. Het verschil zit in ons neusblad! De ene familie heeft geen neusblad én rara, de ander juist een neusblad in de vorm van een hoefijzer!

Glad/Hoefijzerneus

De Chiroptera-familie: de ideale insectenbestrijder

De grootste vleermuis van mijn familie Chiroptera is met 8 centimeter de vale vleermuis. De dwerg vleermuis is de kleinste én past in een luciferdoosje en weegt net zoveel als een suikerklontje. Mocht je mij zien vliegen in steden, dorpen, parken en tuinen, dan is de kans groot dat ik een gewone dwergvleermuis ben! Met een naam als Pipistrellus pipistrellus klink ik heel wat, maar ik ben de meest algemene vleermuissoort die er in Nederland is! Toch moet jij mij niet onderschatten. Ik kan wel zeshonderd muggen per uur opeten! Andere familieleden die je vaak tegenkomt zijn de ruige dwerg-vleermuis, de rosse vleermuis, de watervleermuis, de meervleermuis, de gewone grootoorvleermuis, de baardvleermuis en de laatvlieger.

We verschillen in kleur, grootte, vlieggedrag, sonar-ritme en -frequentie maar we eten allemaal insecten en komen te voorschijn als het schemert! Wist je dat ik per nacht een kwart tot de helft van mijn gewicht moet eten om te kunnen overleven? Dat zijn dus heel veel insectjes die ik uit de lucht mag plukken! Kortom, ik ben de ideale insectenbestrijder! Om in het donker op insecten te kunnen jagen, maak ik gebruik van echolocatie. Ik kan eigenlijk heel goed zien in het donker met mijn kleine lichtgevoelige oogjes, toch maak ik hele hoge én korte piepjes met mijn stembanden en luister met mijn oren of deze terugkaatsen van de insecten die ’s avonds op het menu staan. Mijn geluidjes zijn hoog en hard net als een opstijgend vliegtuig. Je hebt geluk dat jij mij niet met het blote oor kan horen. Om zelf geen gehoorbeschading op te lopen, sluit ik mijn oren af tijdens het roepen. Om nergens tegenaan te vliegen, werken mijn zintuigen die de echolocatie oppikken supersnel! Ik roep tussen 10-100 piepjes per seconde én creëer daarmee een echobeeld zodat ik jou, muren én spinnenwebben kan zien en ontwijken! Hup, daar ga ik! Op weg om mijn buikje rond te eten! Nadat ik genoeg heb gegeten, soms is dat al na een uur, ga ik terug naar huis om te rusten of vlieg ik naar de plek waar mij overdag verstop! Alleen als het heel warm is of als ik jonkies heb, ga ik nog een keer op pad! Aan het einde van de nacht, zo net voor zonsopkomst, vlieg ik weer huiswaarts. Voordat ik naar binnen ga, vlieg ik een tijdje rond voor de opening ! Dit heet zwermen. In de winter zie jij mij niet jagen want insecten zijn dan bijna niet te vinden! Met een laagje vet op mijn lijf trek mij de winters terug én slaap ik van oktober tot april!

Kom mijn geheimen ontdekken tijdens de Nacht van de Vleermuis

Op meer dan 40 locaties door heel Nederland kan je terecht voor een duistere speurtocht met batdetector, vleermuisvriendelijke kinderactiviteiten of vleermuisverhalen tijdens de Nacht van de Vleermuis op 27, 28 en 29 augustus. Een vleermuisexcursie is een mooie kans voor jong en oud om meer te weten te komen over deze bijzondere zoogdieren! Gewapend met een bat detector trek je 's avonds het bos in, op zoek naar mijn familie. Een ervaren gids helpt je om mij te spotten én kan nog veel meer coole weetjes over mijn familie vertellen. Kortom, de afsluiter van de zomervakantie! 

Nacht van de Vleermuis

Tips om zelf mijn geheimen te ontrafelen

Hoe weet je nou met welke soort je te maken hebt, als je ’s zomers in de avond naar boven kijkt en ik razendsnel voorbij vlieg? Ben ik een gewone dwerg of een laatvlieger, wie zal het zeggen! Mij herkennen is beste een hele klus in de schemering! In het donker zie je van mij niet meer dan een silhouet, toch kan je hieraan zien welke vleermuis ik ben! Kijk hoe groot ik ben, hoe breed mijn vleugels zijn, de grootte van mijn vorm, de vorm van mijn staart én zoek mij op de vleermuizenzoekkaart van de Zoogdier-vereniging. Ook aan mijn manier van vliegen kan jij mij herkennen! Maak ik veel lussen én bochten, dan ben ik waarschijnlijk een gewone dwerg-vleermuis! Vlieg ik in een rechte lijn én maak ik opeens een duikvlucht, dan ben ik een rosse vleermuis!

Bescherm mij!

Al vele jaren leven jij en ik volledig onopgemerkt naast elkaar, maar de laatste jaren ben ik bedreigd. Ik ben wettelijk beschermd maar toch is dat niet voldoende. Door renovaties, isolatie van spouwmuren of sloop verdwijnen veel plekken waar ik kan wonen. Wil je weten of ik in je huis woon, maak dan overdag eens een wandelingetje rond je huis en let op keutels bij muren én vensterbanken. Mijn keutels lijken op muizenstrontjes, maar ze bestaan vooral uit droge insectenresten, zoals schildjes, vleugels. Als je deze tussen je vingers rolt, vallen ze uiteen in een hoopje glitterend stof. Ook kun je van je tuin een waar vleermuizen paradijs maken, vol met inheemse planten, struiken en planten die heel veel insecten aantrekken! En doe je tuinverlichting uit of let erop dat die alleen daar schijnt waar het echt nodig is. De Zoogdierenverenging heeft zelfs een folder met tuintips voor een waar vleermuisparadijs!