Mensen en kinderen vangen waterdiertjes met netten bij een klein beekje in een groen natuurgebied. Insecten en bodemdieren

Slootjesdag 6 juni 2026

Haaksbergen 10 juni 2026

De kinderen waren heel enthousiast aan het schepnetvissen. Soms was het even wennen om de beestjes uit het schepnet in de waterbak te doen. Nog een beetje vies gevoel! Maar na enige tijd was ieder kind druk bezig. In het begin leek het of er weinig werd gevangen. Zelfs geen kikkervisjes; de hele morgen niet! Maar na enige tijd ving een jongetje een grote kever met gele randen. Dat is een echte rover, eet allerlei beestjes op.. Wat heel bijzonder is deze kever kan ook gewoon rondvliegen naar een andere vijver of sloot.

Een meisje dat al vaker mee gedaan had bij het IVN schepnetvissen ving direct een kleine waterschorpioen. Zo klein dat het heel knap is dat je dat direct ziet. Ze herkende het waterbeestje direct. Een waterschorpioen heeft grote grijptangen om een beestje te vangen. Hij heeft een stekel bij zijn achterste waar hij mee kan snorkelen om ademlucht binnen te halen.

Daarna hoorde  je : “O een klein stekelbaarsvisje! In mijn schepnet” Het visje heeft nog geen stekels op zijn rug.

   

Opeens  een groot beestje kronkelend in het net: een libellelarve van een blauwe waterjufferlibelle. Deze libelle heeft zijn vleugels dichtgeklapt op zijn rug. Dit beestje heeft 3 langwerpige dingen bij zijn achterste en daar haalt hij adem mee en kan hij beter sturen bij het zwemmen. De libellelarve leeft als baby wel 2 jaar onder water. Dan is hij volwassen en kruipt langs een rietstengel omhoog en kruipt dan uit zijn babyhuid en krijgt dan vleugels .We hadden een voorbeeld van zo’n huidje van libelle in een doosje. Daar kon je zien dat hij eruit gekropen was via een gaatje. Dat is een gevaarlijk moment voor de volwassen libelle, want zijn vleugels moeten opdrogen voor hij kan wegvliegen als er gevaar dreigt , Bijvoorbeeld een vogel of kikker die hem wil pakken om op te eten. Er was ook een dikke libellelarve van een glazenmakerlibelle. Dat is een libelle die zijn vleugels wijd uitspreid. Deze larve heeft 3 kleine stekels bij zijn achterste en daar haalt deze adem mee. En als hij vooruit wil om een beestje te vangen gebruikt hij het als een straalmotor. Door de   lucht  er heel snel uit te  drukken vliegt hij vooruit in het water.

Een rugzwemmertje, die niet op zijn buik kon zwemmen. Dit beestje roeit met zijn achterpoten . Daarom heet hij bootsmannetje en hij heeft luchtbelletjes tussen zijn buikharen en daarom kan hij niet op zijn buik zwemmen.

Een jongetje kwam me ophalen omdat hij twee kussende vlokreeftjes had gevangen. Dat vond hij wel heel bijzonder. Dat moest ook op zijn diploma bijgeschreven worden.

Al met al was het een leuke ochtend. Na afloop kregen de kinderen een waterbeestjeszoekkaart om thuis nog eens te kijken wat ze gevangen hadden. Ook kregen ze  een diploma van het IVN ,omdat ze zo goed waterbeestjes konden vangen en bekijken. Nog een glaasje ranja of water en een koekje en dan tevreden naar huis. Wij als vrijwilligers vonden het een geslaagde ochtend.

 

 

Deel deze pagina