Boomblauwtje

Boomblauwtje (Celastrina Argiolus)

Het Boomblauwtje is een nogal klein vlindertje met een spanwijdte van ca 30 mm. Zoals de naam al laat vermoeden voelt deze zich het beste thuis in en nabij bomen en struiken.

Daarom zie je het boomblauwtje behalve aan bosranden, ook regelmatig in tuinen en stadsparken.

Hij wordt in ons land overal waargenomen, in Limburg vooral in het Maasterras en de Roerstreek.

Het is een vlinder die ondanks zijn tengere voorkomen redelijk grote afstanden kan overbruggen om bv een nieuw leefgebied te zoeken. Hij gebruikt hiervoor de rechte lijnen in het landschap, zoals bijvoorbeeld bospaden of bosranden.      

In dichte bossen worden diverse soorten vlinders op weg geholpen door middel van vlinderwegen. In een rechte lijn worden bomen gekapt waardoor een Schneise ontstaat.

Een bospad alleen geschikt voor vlinders en andere diersoorten, onbegaanbaar voor de mens!

Het boomblauwtje is slechts een kort leven beschoren; na ongeveer 14 dagen zit zijn leef-tijd erop. Maar ze hebben waarachtig niet stilgezeten, want grote afstanden zijn afgelegd ,de partner is gezocht en gevonden, de 40 tot 70 eitjes één voor één afgezet op een waardplant, doorgaans sporkehout, klimop, hulst.

De rupsen die na vier dagen uit de eitjes komen genieten een zekere mate van bescherming door mieren. Deze zijn namelijk dol op de vloeistof die de rups uitscheidt. Na achttien dagen verpopt de rups tot vlinder.

In één seizoen kunnen zo tot drie generaties boomblauwtjes voorkomen, al gelang de weersomstandigheden. De laatste generatie overwintert als pop in het afgevallen blad van de waardplant.

Wellicht iets om aan denken bij de najaars-snoei van klimop of het opruimen van bladeren in uw tuin. Het zou zonde zijn als een toekomstige lente-generatie boomblauwtje in de GFT-bak zou belanden......

Meer informatie over het Boomblauwtje is te vinden op www.vlindernet.nl

Tekst en foto's: Marianne Vos / Piet Boonen