Verslag thema-avond op 14 november 2018

Verslag Thema-avond Waterkwaliteit in de Achterhoek

Gert Jan van der Veen praat een 20-tal natuurliefhebbers vanavond bij over de waterkwaliteit in de Achterhoek. Hij is docent waterbeheer aan de Hogeschool Van Hall Larenstein, en was  daarvoor werkzaam  bij het Waterschap Rijn en IJssel. Hij is ook actief bij de KNNV en het IVN. Zo kennen we hem als docent aan de gidsenopleiding van het IVN.

De extreem droge zomer droge zomer is natuurlijk een “hot item”. De gevolgen van een tekort van 350 mm regen, de neerslag die doorgaans in een half jaar valt, zijn overal zichtbaar: met het droogvallen van beken verdwijnen ook de vissen als bijv. de zeldzame beekprik.

 

oa20181114_221615.jpgEen van de taken van de waterschappen is zorgen voor de waterkwaliteit. Deze wordt bepaald door de systeemvoorwaarden  klimaat, neerslag, geomorfologie, hoogteverschillen, geologie en bodem. Stromingen, structuren en stoffen werken hierop in. Een snelstromende beek verdraagt bijvoorbeeld een hoger nitraatgehalte dan een langzame. Het is een samenspel dat resulteert in een gemeenschap van planten en dieren.

De Wet Verontreiniging Oppervlakte water(1970) en  de Waterwet van 2009 hebben veel bijgedragen aan een verbeterde waterkwaliteit in het werkgebied van waterschap Rijn en IJssel. Stikstof en fosfaat nemen af, de laatste stof is uit de wasmiddelen verdwenen ( Nog niet uit alle vaatwastabletten, dus let hierop bij aanschaf!) De Europese kaderrichtlijn Water van het jaar 2000 verplicht de lidstaten  tot het vastleggen van ecologische doelen  wat betreft vegetatie, macrofauna, vissen en overig waterleven voor de grotere watergangen. De ambitieniveaus kunnen verschillen, zo is er een laag ambitieniveau voor de watergangen door landbouwgebied en een hoog voor bijvoorbeeld de Bovenslinge, maar de meetmethodiek is altijd hetzelfde.

oa2018-11-16 10.12.37.jpg                                                                                              foto's: Marion van Noord

Bedreigingen voor de waterkwaliteit zijn bijv. hormonale stoffen (geslachtsveranderingen bij vissen), stoffen uit de landbouw en glyfosaat ( Roundup) dat het oppervlaktewater inspoelt. Calamiteiten zoals het breken van een persleiding bij  FrieslandCampina in Borculo ijlen nog lang na.
De kleiputten bij Winterswijk, worden momenteel verondiept met licht verontreinigde grond. De aanname is dat minder diepe plassen beter zijn voor de waterkwaliteit en bevorderlijk voor het vogelleven. Maar hoe schoon is de grond die hier gestort wordt?
Invasieve exoten als de grote waternavel en de waterteunisbloem bedreigen de inheemse flora en fauna. En moeten bestreden worden. Een lastige klus. Via het Rijn-Mainzkanaal hebben invasieve grondels uit het Donaubekken ons land bereikt. De Amerikaanse rivierkreeft is drager van een schimmel die sterfte van de Europese rivierkreeft tot gevolg heeft.

Voor een optimistisch laatste gedeelte: De waterkwaliteit in de Achterhoek wordt steeds beter en we vinden we er nog steeds  mooie  en ook zeldzame soorten: de kokerloze kokerjuffer in de Buurserbeek, de beekprik, de bosbeekjuffer, oeverbeeklibel, beekrombout, weidebeekjuffer. In het zuurstofrijke water op de bodem van Berkel en Buurserbeek vinden we  de kiezelzwemwants.

 

Boeken ( Uitgaven KNNV):

  • "Vijversloot en plas" van Marten Scheffer en Jan Cuppen ( met gratis  Waterleven-app om zelf aan de slag te gaan)
  • Aquatische Ecologie van Henk Hoogenboom

 

Lies Jacobs