Verslag thema-avond op 12 december 2018

Verslag Thema-avond
Darwin als botanicus: over vleesetende en vernuftige planten

In de Zonnebrinkkerk in Winterswijk gaf Norbert Peeters voor een 30-tal belangstellenden een lezing over Darwin als botanicus.

Ton Reerink leidt de spreker in: Norbert Peeters heeft filosofie gestudeerd en zich later verdiept in de botanie. Het grensgebied tussen filosofie en botanie is zijn terrein. Hierover heeft hij al veel gepubliceerd.

Planten maken 95% van de biomassa op aarde uit. Ze leveren zuurstof en dienen als voedsel. Toch “wuiven we loof te weinig lof toe”. Dat is al zo sinds Aristoteles zijn “Scala Naturae” bedacht. Onder aan de ladder de levenloze dingen, dan de planten, vervolgens de dieren met wie we ons nog enigszins verwant voelen en daarboven de mens. Dit is misschien de reden dat we zo weinig kennis hebben gemaakt met Darwin als plantkundige. We associëren hem met de Galapagoseilanden, de evolutieleer, de reis met de Beagle, de Darwinvinken.

Zijn landgoed Down House in Kent was echter een proeftuin voor de botanie. Vrouw en kinderen hielpen met experimenten, het benodigde plantmateriaal werd verkregen uit de “Kew Gardens”. Het grootste gedeelte van zijn werkzame leven wijdde hij aan plantkundige studie en experimenten, aan orchideeën, klimplanten vleesetende planten en aan onderzoek naar de intelligentie van planten. De laatste twee studies zijn vanavond de thema’s.

Vleesetende planten spreken nog steeds tot de verbeelding getuige films als “The day of the triffids.
In een studie naar zonnedauw ( Drosera), zo rijkelijk aanwezig in de veengronde van Sussex, toont Darwin als eerste aan dat zonnedauw zijn prooi verteert. Hij onderzoekt het blaasjeskruid (Utricularia) en het klapmechanisme van de Venusvliegenval ( Dionaea muscipula) . Hij ontdekt dat deze plant pas na 5 signalen overgaat tot het aanmaken van de enzymen die nodig zijn om het insect te verteren. Darwin correspondeert met vele vakgenoten om resultaten van experimenten te delen. Zo schakelt hij fysioloog John Burdon-Sanderson in om de mogelijkheid van elektrische ontlading bij de venusvliegenval te verifiëren en concludeert dat dit het geval kan zijn.

Kunnen we spreken van intelligentie bij planten? Van pientere planten?
Allereerst werpt Norbert de filosofische vraag op of we slim genoeg zijn om te bepalen hoe slim planten zijn, zoals Frans de Waal zich dat afvroeg van dieren. In “The power of movements in plants” schrijft Darwin dat plantenwortels informatie ontvangen uit hun omgeving (o.a. over zwaartekracht, vocht, obstakels) en op grond daarvan een beslissing nemen over beweging. Ze navigeren. Hebben ze dan een brein? De neurobiologie buigt zich ook nu nog steeds over die vraag.
Darwin ziet intelligenties bij planten, dieren en de mens gradueel verschillen, niet principieel. In zijn autobiografie schrijft hij: “het heeft mij altijd genoegen gedaan dat ik planten heb kunnen verheffen tot het niveau van georganiseerde wezens ( “the scale of organized beings…”).

 

 

oa_20181212_210734.jpgoa_20181212_210748.jpg

 

 

 

 

 

 

                                                                                              foto's: Marion van Noord

In een stevig tempo heeft gids Norbert Peeters ons meegenomen op een wandeling door het leven en werk van deze grote natuurvorser. In de pauze  signeerde hij zijn boeken.
Voor wie het thuis nog eens rustig na wil lezen:

Boeken :

  • Norbert Peeters, Botanische revolutie – De plantenleer van Charles Darwin (KNNV Uitgeverij, Zeist 2016).
  • Norbert Peeters en Tessa van Dijk (red.), Darwins engelen – Vrouwelijke wetenschappers in de tijd van Charles Darwin (Atlas Contact, Amsterdam 2018).  
  • Wouter Oudemans en Norbert Peeters, Plantaardig – Vegetatieve filosofie (KNNV Uitgeverij, Zeist 2014).

 

Lies Jacobs