Het leven van een pad

Padden overwinteren niet in het water. Ze kruipen voor hun winterslaap in holletjes onder de grond, diep genoeg om niet te bevriezen. Wanneer het holletje onder een strooisellaag ligt is het helemaal perfect.

Bij gunstige omstandigheden, soms al begin februari, worden de padden wakker. Ze verlaten het winterverblijf en gaan allemaal tegelijk op weg om hun eieren af te zetten. Dat doen ze op de plaats waar ze zelf geboren zijn. Soms moeten ze op deze tocht een drukke weg oversteken en dan lopen ze grote kans overreden te worden. Om dit te voorkomen staan er schermen langs de weg dwars op de trekrichting. De padden lopen langs het scherm op zoek naar een doorgang. Dit kan de tunnel zijn. Anders vallen ze in een ingegraven emmer waar ze de volgende ochtend worden uitgehaald. Ze worden dan naar de overkant van de weg gebracht. De trek is het meest intensief als het regent bij een temperatuur vanaf zes graden.

Als ze onderweg een partner tegenkomen begint de paring. Het mannetje klimt bij het vrouwtje op de rug en laat zich zo naar het water dragen. Als de padden bij het water aankomen, al dan niet geholpen door leden van de paddenwerkgroep, begint het vrouwtje met het afzetten van de eitjes. Het mannetje bevrucht deze meteen, buiten het lichaam van het vrouwtje. De eieren liggen in snoeren die vastgemaakt worden aan waterplanten. De beste plek is een hoekje waar de zon het water lekker kan verwarmen. Door de warmte komen uit de eitjes de larven. Deze eten algen die zich in het water bevinden.

Na een poosje krijgen de larven achterpootjes en later komen de voorpootjes. Tot slot verdwijnt het ‘staartje’ en zijn het kleine padjes. Dan kruipen de jonge padjes uit het water en stappen de grote wereld in. Ze zijn dol op kleine insecten, slakjes, vliegenlarven. Na enkele jaren zijn de padden geslachtsrijp en dan doen ze mee aan de grote voorjaarstrek.

Wat doet de paddenwerkgroep?

Strabrechtseheideweg

Midden tachtiger jaren constateerde IVN Geldrop dat aan de Strabrechtseheideweg grote aantallen padden omkwamen. Een clubje van het Jeugd IVN is met hulp van andere IVN-ers begonnen met het overzetten van padden. In 2004 zijn de eerder aangelegde tunnels en schermen vervangen, er zijn twee nieuwe tunnels bijgemaakt.

Rederijklaan

Aan de Rederijklaan werden al in 1980 zo’n 100 -150 padden overgezet door een vrijwilliger. Toen hij daartoe niet meer in staat was heeft IVN Geldrop zijn taak overgenomen. Na het afsluiten van de weg voor sluipverkeer bleken er minder padden te worden overreden en zijn we gestopt met overzetten.

Sinds enkele jaren krijgen we meldingen dat er weer zoveel dode padden liggen. We hebben in 2015 in de avonduren padden over gezet en sinds 2016 is er een nieuwe enthousiaste groep die hier schermen plaatst en elke ochtend de emmers leeg gaat maken. In 2016 zaten er 1060 padden, 60 salamanders, en 16 kikkers in de emmers.

In 2017 gaan we ook hier door met padden overzetten.

Bosrand

Hier moeten ongeveer 1500 dieren de weg oversteken. Sinds 2005 plaatsen we hier in het voorjaar schermen en gaan we de padden een handje helpen.

Hieronder een kleine impressie over onze werkzaamheden:

Wat hebben we overgezet.

https://youtu.be/C7Am5T66GyI

En daarom vragen we nog wat hulp bij het verzetten van de padden.