Oirschot
Natuur in de Buurt
woensdag01apr2020

Petra op pad (zonder de plantenwerkgroep)

Omdat de geplande activiteit plantenwerkgroep niet door kon gaan ben ik zelf gaan kijken welke voorjaarsbloemen er in de Mortelen te vinden waren. Bovendien is het interessant om te weten of de natuur inderdaad “voor ligt” op andere jaren. Handig hulpmiddel daarbij is natuurkalender.nl en de “fenolijn”, waar je telefonisch je waarnemingen kunt doorgeven en waarvan een selectie iedere zondagochtend kan worden beluisterd in het programma “Vroege Vogels” van de VARA.
Maar eerst dit.
Fenologie: bestudeert jaarlijks terugkerende verschijnselen in de natuur.
Bijvoorbeeld: het moment van bloei, bladontluiking, zaad- en bladval bij bomen, het eerste individu van een soort dat gezien of gehoord wordt, het eerste jong dat gezien wordt etc. Deze tijdstippen worden ook wel aangeduid als fenofasen. Doorgaans is een verandering in temperatuur de belangrijkste reden voor wijzigende tijdstippen. 
Natuurkalender ( naturetoday.com ) verzamelt de eerste waarnemingen van soorten, anoniem of door je in te schrijven en in te loggen. Ook is er een overzicht van de fenofasen die per maand actueel zijn.
Zo kun je bijvoorbeeld zien dat de ontwikkeling van de lentebloeiers de afgelopen 15 jaar gemiddeld 12 dagen eerder plaatsvond dan normaal.
Ook lijkt het er op dat dit jaar de natuur, mede door het zachte weer in de winter en vroege voorjaar, behoorlijk vroeg ontwaakt. Het gevaar voor nachtvorstschade aan planten neemt toe naarmate de natuur eerder ontwaakt.
Fladderiepen-PK-OirschotWat betreft de bekendste voorjaarsbloeiers in de Mortelen/ Woekens/ Heerenbeek geldt ook dat deze vroeger dan gemiddeld in bloei staan.
Voornaamste doel van onze eerste plantenwerkgroepwandeling in maart zijn altijd de vrij zeldzame fladderiepen of steeliepen (Ulmus Laevis) in de Woekens. Deze maken, wordt beweerd, wel 10 procent uit van de overgebleven inheemse populatie in Nederland. De bomen zijn waarschijnlijk meer dan honderd jaar oud.Bosanemonen-PK-Oirschot

Niet te missen zijn natuurlijk de bosanemonen (Anemone nemorosa), die rijkelijk langs de paden staan. Het lijkt wel of het gesneeuwd heeft, zo wit ziet het!
Verder zie ik het speenkruid (Ficaria verna verna), dat zo heet omdat aan deSpeenkruid-PK-Oirschot wortels een knolletje zit dat de vorm heeft van een speentje en heel vroeg:
bloeiend fluitenkruid (Anthriscus sylvestris).

In de heggen om de kleine weidepercelen rept zich de sleedoorn (Prunus spinosa),
met mooie witte bloesem en op de Fluitenkruid-PK-Oirschotbodem is de bosbes met hele kleine bloemetjes onopvallend bezig met de toekomst: bosbessen!
Veel mensen verwarren de wilde bosbes met de blauwe bes, maar er is wel degelijk
verschil: de blauwe bes komt uit de VS, groeit in trossen en heeft lichtgekleurd vruchtvlees terwijl de
wilde bosbes individueel aan een laag struikje bloeit, dat ook nog eens heel mooi rood kleurt in de herfst.
Sleedoorn-PK-OirschotAan de slootkanten en in de natte hooilanden bloeit al de eerste pinksterbloem (Cardamine pratensis) (zie foto boven) Er wordt vaak gedacht dat de naam van “Pinksteren” afkomstig is maar deze voorjaarsbloeier is zo genoemd naar de eerste pinken (eenjarige koeien) die rond deze tijd de wei in gingen. Zelfs fladdert daar al een oranjetipje, dat als waardplant enkel en alleen de pinksterbloem kiest.Oranjetipje-LA-Oirschot


Tenslotte nog twee opvallende en bijzondere planten die in deze omgeving te vinden
zijn: de slanke sleutelbloem (Primula elatior) en de grote muur (Stellaria holostea).
Slanke sleutelbloem-PK-OirschotDe eerste is echt een spetter: ranke zachtgele bloemen die op een steeltje met 10-15 bij elkaar staan, liefst langs de sloot- of wegkant, en ook bij voorkeur in vochtige, rijkere bossen. In Frankrijk, Spanje en Portugal kwam ik onlangs vooral de stengelloze sleutelbloem tegen, die de bloemen op een heel korte stengel hebben staan.

De tweede, grote muur, Grote muur-PK-Oirschot is echt een “instinker” voor beginnende
plantenliefhebbers: deze wordt vaak verward met de akkerhoornbloem, die, hoewel ze beide anjerachtigen zijn, vijf stijlen heeft en geen drie, zoals de grote muur. Verder is de grote muur te herkennen aan het tot halverwege het bloemblad ingesneden bloemblaadje.

Natuurlijk heb ik de hulp van de andere leden erg gemist, gedeelde kennis en
vreugde zijn immers veel leuker dan in je uppie rondwandelen. Ik hoop dan ook dat
we er gauw weer samen op uit kunnen trekken!


Petra