De 5 tips voor bioblitzen
1. Ga eens wat langer op dezelfde plek zitten
Vaak zie je pas iets als je wat langer kijkt. Dus pak een stoel en kijk eens een kwartiertje naar je planten, het liefst een beetje dichtbij. Dan vallen je misschien dingen op: een wilde bij die stuifmeel verzamelt, een rups die knabbelt van een blad, een zweefvlieg die eitjes legt of een vogeltje dat voorbijvliegt.
2. Kijk eens onder bloempotten en stenen
Niet alle diertjes leven op planten. Onder stenen, bloempotten en op de bodem vind je bijvoorbeeld bodemdiertjes zoals duizendpoten, miljoenpoten, spinnen en regenwormen. Op en onder afgevallen bladeren vind je ook leuke soorten, zoals piepkleine springstaartjes. Laat rommelhoekjes in de winter het liefst met rust, want sommige insecten houden daar hun winterslaap.
3. Zoek insecten op bloemen
Het klinkt misschien vanzelfsprekend: kijk eens welke insecten je op bloemen ziet. Maar wist je dat verschillende soorten bloemen verschillende soorten insecten aantrekken? Op planten met schermbloemen, zoals peen, venkel en dille, vind je veel zweefvliegen, wespensoorten en kleine wilde bijen. Hommels zie je vaak weer op diepere bloemen, zoals rode klaver. En de kleine en grote klokjesbij vind je alleen in klokjesbloemen zoals akkerklokje en prachtklokje.
4. Bestudeer de bladeren
Kijk eens goed naar de bladeren van planten. Zie je iets afwijkends? Een hapje uit een blad bijvoorbeeld? Wie weet is het hongerige diertje, een rups bijvoorbeeld, nog in de buurt. Of misschien zie je wel dat er keurige hapjes uit je rozenblad verdwenen zijn. Dat kan zomaar het werk zijn van een behangersbij die het blad gebruikt als bekleding voor haar voor haar nest. Draai een blad ook eens om, wie weet zie je aan de onderkant wel eitjes van een lieveheersbeestje.
5. Kijk in de buurt van je insectenhotel
In een insectenhotel kunnen verschillende soorten wilde bijen nestelen, kijk eens welke je ziet. Naast die wilde bijen vind je daar ook kleine wespen en soms ook vliegjes die parasiteren op de wilde bijen. Springspinnen maken soms ook gebruik van de gaatjes. Ga tijdens een zonnige dag eens in de buurt van je bijenhotel zitten en observeer wat er gebeurt en welke insecten je ziet.
Meer leven in jouw tuin
Valt het leven in je tuin toch nog een beetje tegen? Niet getreurd, er zijn een aantal dingen die je kan doen:
- Maak wat meer rommelhoekjes
- Laat ‘onkruid’ staan. Planten die wij soms zien als onkruid, zoals paardenbloem, zijn juist enorm belangrijk voor insecten.
- Plant meer inheemse planten aan, laat je inspireren door de IVN Bloeikalender of bestel een Tuinypakket.
- Volg de IVN Natuurcursus: De Levende Tuin. Daarin leer je in 6 online modules stap voor stap hoe je jouw tuin natuurvriendelijk maakt.