Bodemdierendagen 2021: goede resultaten voor Tiny Forests

In oktober kon iedereen meedoen met de Bodemdierendagen. Niet alleen tuinen en parken werden onderzocht op Bodemdierendag, maar onze Tiny Forests! In totaal zijn er 33 waarnemingen gedaan in de Tiny Forests, waarvan 3 in het voorjaar en 30 in de herfst. Elke vierkante meter van elk Tiny Forest werd systematisch uitgekamd op de aanwezigheid van mieren, duizendpoten, regenwormen en andere groepen bodembewoners. Hoe groter de diversiteit, hoe gezonder de bodem, is het devies. De regenworm is het vaakst geziene bodemdier in de Tiny Forests. Bekijk de resultaten van de Bodemdierendagen in 2021.

Tijdens de Bodemdieren onderzoeken honderden mensen in heel Nederland tuinen, schoolpleinen, moestuinen, groene daken, parken en zelfs plantenbakken op balkons. Dit heet burgerwetenschap of citizen science. De citizen scientists doorzoeken hun eigen zoekplek op bodemdieren in 10 verschillende diergroepen:regenwormen Fabrice Ottenburg

  • Regenwormen
  • Naaktslakken
  • Huisjesslakken
  • Spinachtigen
  • Pissebedden
  • Miljoenpoten
  • Duizendpoten
  • Kevers
  • Mieren
  • Mollen

Regenworm het vaakst gezien

De regenworm staat echt op nummer één. In 2021 is de regenworm het vaakst geziene bodemdier in Tiny Forests. Als je alle jaren optelt, dan is de regenworm ook in de meeste Tiny Forest-waarnemingen gezien. In 2021 zijn er vaker huisjesslakken gezien.

Naast de mol - die overal weinig voorkomt – zijn alleen de miljoenpoten er wat minder aanwezig. In minder dan 50% van de Tiny Forests zijn die gevonden. Dit is overigens ook een landelijke trend.

Waarnemingen bijzondere soorten 

Bij de bijzondere soorten op de achterkant van de Bodemdieren zoekkaart, vielen deze dieren op:

  1. Compostworm, vaker gezien. Grondeter en pendelaar minder vaak.
  2. Akkerslak, minder vaak gezien.
  3. Segrijnslak, vaker gezien.
  4. Mospissebed, minder vaak gezien.
  5. Kleine tweestreep werd vaker gezien, platrug minder vaak gezien.
  6. Aardkruiper, minder vaak gezien.

Algemene rapportcijfers tuintypes bodemonderzoek 

De waarnemingen van 2021 laten zien welke dieren er in totaal voorkomen. Dus welke kansen een Tiny Forest heeft, ten opzichte van andere tuintypes. Hierbij scoort het Tny Forest het hoogst van alle tuintypes! Dit betekent dat een Tiny Forest veel potentie biedt voor bodemdieren.

  Tuintype Potentiecijfer
1 Tiny Forest 9.4
2 Park, plantsoen of kinderboerderij 9.3
3 Schoolplein of BSO 9.2
4 Voedselbos 9.2
5 Moestuin 9.2
6 Groene tuin 9.2
7 Halfgroene tuin 8.8
8 Balkon 8.2
9 Bestrate tuin 7.9
10 Groendak 6.7

Tabel. Potentiecijfers gebaseerd op de eindsamenvatting van tuintype 2021

Hoe ouder het Tiny Forest, hoe beter

In de praktijk halen veel tuinen niet het ideale kansencijfer. Dat is ook zo bij Tiny Forest. Wel valt het op dat er een ontwikkeling te zien is in individuele cijfers: de bodemkwaliteit van een Tiny Forest dat zich ontwikkelt wordt echt beter.

IVN erg blij met ons rapportcijfer

Als IVN Natuureducatie zijn we erg blij met onze rapportcijfers. Daarbij ontvingen we ook mooi commentaar in ons rapport over het onderzoek in Tiny Forests: “Tiny Forests hebben bodemdieren veel te bieden. Het algemene rapportcijfer is dus even hoog als voor groene tuinen. Niet op iedere plek is alles aanwezig, maar wat niet is kan nog komen. Het aantal Tiny Forests groeit, en het is interessant om de ontwikkelingen de komende jaren te volgen!

Bekijk de algemene Bodemdierendagen resultaten

Tel jij volgend jaar mee tijdens de Bodemdierendagen?

Wat zal ons het volgende jaar brengen? Heroveren de pissebedden in 2022 de koppositie? Scoren er meer tuinen hoog? Van 23 september tot en met 5 oktober 2022  gaan we weer op zoek! Meer weten over Bodemdierendagen

Over het onderzoek

Alle waarnemingen worden verzameld en doorgegeven aan het NIOO-KNAW en zij genereren een score in de vorm van een rapportcijfer. Tijdens de Bodemdierendagen krijgt iedere onderzochte zoekplek dus een rapportcijfer dat aangeeft hoe het met het bodemleven is gesteld. Dat cijfer is gebaseerd op de diversiteit van diergroepen. Hoe groter de diversiteit en aantallen, hoe gezonder de bodem, is het devies.