
Boven de grond
Blad
Ik heb kleine blaadjes met een kartelrand. Mijn blaadjes zijn felgroen in de lente en geel in de herfst.
Bloem
Ik bloei met mannelijke en vrouwelijke katjes. Ik maak veel stuifmeel dat door de wind wordt verspreid. Sommige mensen krijgen hooikoorts door mijn stuifmeel.
Vrucht of zaad
Ik maak kleine zaadjes die overal naartoe kunnen waaien.
Voedsel voor dieren
Vogels eten graag mijn kleine zaadjes.
Binnenkant
Hout
Ik heb een witte stam. Mijn hout is zacht. In het voorjaar pomp ik veel water naar mijn blaadjes. Een deel van dat water kun je aftappen: berkenwater.
Schuilplaatsen voor dieren
De kleine bonte specht kan makkelijk een nestholte in mijn zachte hout maken.
Onder de grond
Wortels
Ik heb een breed wortelstelsel dat niet zo diep gaat. Daardoor kan ik over een groot oppervlak water vinden.
Bodemleven
Vlak bij mij kan de bodem droog zijn, omdat ik veel water opzuig. Ik werk samen met de vliegenzwam. De schimmeldraden zijn verbonden met mijn wortels. Zij zoeken water en mineralen en ruilen die met mij voor suiker.
Verdieping
algemeen berk
vogels vink, putter en meer
insecten vlinders
schimmels vliegenzwam, berkenzwam en echte tonderzwam
zoogdieren eekhoorn, bosmuis, boommarter