Landschap
Provinciale ledendag
Op zaterdag 30 mei kwamen uit alle delen van Groningen IVN leden naar restaurant Moeke Breughel in Winschoten voor de start van de provinciale leden dag 2026. Onze afdeling was dit jaar organisator en we hadden een mooi programma in elkaar gezet.
We startten met koffie/thee bij Moeke Breugel en van daar uit gingen we op excursie naar De Gaast of naar de Kiekkaaste. Een derde groep bleef achter voor de lezing van Hendrik van Ham.
Na afloop verzamelden we ons weer in het restaurant voor een smakelijke lunch waarmee deze dag gezellig en lekker werd afgesloten.
Hieronder de verslagen van de drie onderdelen.
Excursie De Gaast in Westerwolde- waar landschap en verhalen samen komen

30 mei 2026 – Na de gezamenlijke koffie met koek bij restaurant Moeke’s Breughel vertrokken we naar de Gaast met als gidsen Gerrit Smit en Alidus Hofsteenge.
Als eerste gingen we naar de Kompenkolk. Gerrit Smit vertelt o.a. dat de Kompenkolk is ontstaan door een dijkdoorbraak, waarschijnlijk eind 16e eeuw. Deze kolk is vrij diep, zo’n 5,5m. Daarvan is slechts 2m water, daaronder zit 3,5m slik. Dat maakt dat deze kolk onder water niet zoveel leven heeft. Rondom de kolk is het beter. Maar het gebrek naan biodiversiteit is de motivatie van werkgroep Oldambt (onderdeel van IVN Westerwolde-Oldambt) om de kolken in het Oldambt uit te baggeren en de randen op te schonen. De kolk bij Oudeschans is al gedaan en blijkt een succes.
Gerrit Smit en publiek met op de achtergrond het water van de Kompenkolk.

Daarna wandelden we naar het Noorden, de Gaast zelf in. Alidus vertelt o.a. dat het gebied ooit Dollard gebied was en de dorpen Bellingwolde, Vriescheloo en Wedde aan zee lagen. Vanaf de 16e eeuw worden er dijken aangelegd die de Dollard tegen hielden en uiteindelijk terugdrong.
naar zoals het nu is. De Westerwoldse Aa stroomt door de Gaast. In de jaren 60 is de Westerwoldse Aa gekanaliseerd. Vanwege nieuwe inzichten is begin deze eeuw de rivier bij de Gaast weer min of meer in oude staat hersteld, met al zijn kronkels, moerassige delen enz. Het verschil in landschap Oldambt en Westerwolde is vanaf de dijk goed te zien, in het zuiden de bosrand en daarachter een coulisselandschap, in het noorden opener gebied vlakten met voornamelijk akkerbouw.
Alidus Hofsteenge vertelt. Het gebouwtje rechts is het gemaal en midden achter de bomen rond de Kompenkolk.

In de verte de bosrand van Westerwolde met ervoor het Oldambster landschap. Rechts de bomen rond de Kompenkolk.
Waarnemingen:
Fauna: Torenvalk, Buizerd, Veldleeuwerik, Nijlgans, Atalanta, Boompieper, Bosrietzanger, Fitis, Groene kikker en Reesporen
Flora: els (oude begroeiing) ,wilg (nieuwe aanplant), riet, lisdodden, ridderzuring, smalle weegbree, brede weegbree, brandnetel, margriet, diverse grassoorten, enz. Geen bijzondere soorten gezien.
Foto’s en verslag: Saskia Uittien
Ontdek de magie van Nieuwe Statenzijl – wandelen aan de rand van land en zee
Op zaterdag 30 mei vond de IVN-regiodag plaats in Winschoten. Na een gezamenlijke ontvangst vertrok onze groep per carpool richting Nieuw Statenzijl.
Onderweg
Tijdens de rit kwamen we langs de afgebrande boerderij van Ede Staal en een tolhuisje. De oude boerderij van Ede Staal was afgebroken en er is een compleet nieuw gebouw voor in de plaats gekomen. Daarnaast stopten we bij een afgegraven slaperdijk. Hier kregen we uitleg over het landschap en de veranderingen door de tijd heen.
Door het proces van inversie was duidelijk zichtbaar dat het oudere land was gedaald, terwijl het nieuwere land juist hoger lag. Dit komt doordat in het Dollardgebied nog opslibbing heeft plaatsgevonden. Waar vroeger kleine percelen lagen, waren nu grote open oppervlakten ontstaan, doorsneden door een brede, diepe sloot. De oorspronkelijke zeedijk was hier niet meer aanwezig. Op deze locatie zagen we al een vos, meerdere hazen en een kievit.
Verder richting Nieuw Statenzijl
De route vervolgde zich door een coupure in de slaperdijk, die nog in oude staat verkeerde. Het was opvallend hoe klein deze dijk was in vergelijking met de huidige zeedijken. Hier vertelde onze gids Aart Jan over een nieuw natuurvriendelijk waterbeheer in het agrarische gebied (noteAart Jan: dit is van cruciaal belang om natuur in de groenblauwe dooradering in het agrarische landschap een goede kans te geven)
Eenmaal aangekomen bij Nieuw Statenzijl bleek het behoorlijk druk te zijn. Boven op de spuisluizen stond een grote groep fietsers uit Duitsland, terwijl op de parkeerplaats al diverse auto’s aanwezig waren.
Uitleg bij de vispassage
Bij de sluizen kregen we uitleg over de vismigratie, met name over de route die de paling aflegt. Via de zogenaamde aalgoot (vispassage) moeten de palingen een lange weg afleggen om boven te komen in het verzamelbekken.
Dit verzamelbekken wordt zorgvuldig gemonitord met behulp van infraroodcamera’s en visuele inspecties. Periodiek wordt het bekken geleegd. Uit de monitoring bleek dat de vismigratie op deze locatie goed functioneert en voldoet aan de gestelde eisen.
Wandeling naar de kiekkaste en waarnemingen
Vanaf de sluis hoorden we al direct de kenmerkende zang van de kleine karekiet en de rietzanger, die het begin van de wandeling extra sfeervol maakte. Vervolgens liepen we over een smal en lang vlonderpad richting de kiekkaste, die op hoge palen buiten de zeedijk in de Dollard staat. Het pad slingerde door het uitgestrekte riet, dat op sommige plaatsen zo hoog was dat het het vlonderpad aan het zicht onttrok.
Tijdens de route zagen we al veel bijzondere vogels. Zelf had ik het geluk om meerdere keren baardmannetjes te zien en te horen.
In de kijkhut aangekomen hadden we een prachtig overzicht over het gebied. We zagen tientallen huiszwaluwen broeden, ongeveer twintig bergeenden, tien visdiefjes en tien krakeenden. Daarnaast werd een brandgans waargenomen en vlogen er vier lepelaars voorbij. Ook waren er enkele kuifeenden aanwezig. Regelmatig schoot er een distelvlinder langs, wat een extra kleurrijk element aan het geheel toevoegde.

Op de terugweg wist Edda opnieuw bijzondere soorten te vinden. Naast baardmannetjes trof zij twee keer een waterral en daarnaast een blauwborst, die zich opvallend goed liet zien boven in een struik.
Bijzonder was dat kort nadat wij vertrokken waren, zo’n tien minuten later, een zwarte ooievaar werd gespot. Twee uur later werden er zelfs nog vier rode wouwen waargenomen, wat laat zien hoe rijk en dynamisch het gebied is.
Foto’s en verslag: André Hos
Lezing Landschappen van Oldambt en Westerwolde; contrasten in beeld
In twee uur tijd heeft Hendrik van der Ham ons laten zien hoe het landschap van het Oldambt is gevormd.
Vanaf de ijstijd, het Saalien, waar de ijsmassa het noordelijke deel van Nederland bedekte tot de vorming van hoogveen en de vruchtbare kleigronden. Zie afbeelding.
De Dollard stroomde dit deel wat nu Oldambt heet, regelmatig over. Na de inpoldering, vele eeuwen later, komt een tijd van enorme economische groei. Denk aan de graanrepubliek.
Met de aanleg van het Oldambtmeer en de bouw van de Blauwe Stad hebben we duizenden jaren aan ons voorbij zien gaan dankzij een zeer bevlogen verteller.

Foto’s en verslag: Klaasje Tuin