IVN Oss
Vogels
donderdag26aug2021

De kokmeeuw: een meeuw met een koptelefoontje

De meeste mensen herkennen deze kleine meeuw wel aan zijn chocoladebruine kop: de kokmeeuw. In deze maanden van het jaar zien we echter een meeuw met twee zwarte vlekjes op zijn kop, ongeveer waar de oren zitten. Het lijkt op een meeuw die een koptelefoon op heeft. Maar het is de kokmeeuw in winterkleed. Die chocoladebruine kop verliezen ze in juli/augustus als ze beginnen te ruien. De rui start na het broedseizoen en ze doen er ongeveer 3 maanden over. Om te kunnen blijven vliegen ruien ze niet alle veren tegelijk. De grote vleugelveren ruien ze, zoveel mogelijk een voor een in beide vleugels tegelijk, in volgorde vanaf het lichaam naar buiten. Dan blijven ze in evenwicht en houden toch hun vliegvermogen. Herkenbaar in winterkleed blijven de rode poten en de witte rand aan de voorkant van de vleugels. De oudste bekende kokmeeuw werd meer dan 30 jaar oud, maar meestal worden ze niet ouder dan 6 of 7 jaar.

Natte polders
In juli, augustus en september zien we de meeste kokmeeuwen. Het zijn dan de Nederlandse kokmeeuwen aangevuld met kokmeeuwen uit Scandinavie en de Baltische Staten. Daarna trekken er veel weg, maar duizenden blijven hangen in Nederland. De schatting is dat er tussen de 380.000 en 420.000 kokmeeuwen hier overwinteren. Als we meer inzoemen op Brabant zien we op de kaarten van SOVON Vogelonderzoek Nederland dat de kokmeeuwen in Brabant vooral in het rivierengebied zitten. Bij ons vooral tussen Den Bosch en Grave. Die kaarten zijn ingedeeld in zogenaamde Atlasblokken van 5 bij 5 kilometer en geven geen gedetailleerde locaties. We kunnen wel duidelijk zien dat duizenden en duizenden kokmeeuwen overwinteren in de wat nattere polders. In die polders eten ze vooral regenwormen. Grappig om te zien is dat ze soms op plekken letterlijk ‘staan te trappelen’ om de regenwormen naar de oppervlakte te lokken.

Weidevogelgebieden
Als we nog wat verder inzoemen naar onze regio, de polders rond Oss, kunnen we nauwkeuriger zien waar de grote concentraties kokmeeuwen zitten. Groepen van meer dan 250 kokmeeuwen komen in de meeste polders wel voor. Als we echter kijken naar groepen groter dan 500 kokmeeuwen zien we dat die grote groepen vooral in de weidevogelgebieden zitten. In deze grotere poldergebieden hebben ze de ruimte en die zijn van nature wat natter en dus uitermate geschikt voor overwinterende kokmeeuwen.

Meer over Vogels in de polders rond Oss

De kokmeeuw in winterkleed - Foto Frank van Dorst (IVN Oss)Kokmeeuw in winterkleed - Foto Frank van Dorst

In de kop van dit artikel: Kokmeeuw in zomerkleed - Foto Theo van Orsouw