Tuin en moestuin
Tuin en moestuin
In 2021, midden in de coronapandemie, sloot Mark aan bij de natuurwerkgroep van zijn lokale IVN-afdeling. ‘Ik zocht iets om naast mijn werk meer buiten bezig te zijn,’ vertelt Mark. Dat jaar was hij afgestudeerd in technische bedrijfskunde en begonnen met werken in de IT-sector, een baan waar hij veel achter zijn laptop zit. De natuurwerkgroep gaf de afwisseling die hij zocht. Ook de stikstofcrisis, die destijds volop in het nieuws was, speelde mee: hij wilde graag lokaal iets bijdragen aan het herstel van de natuur.
Als lid van IVN kwam Mark via de nieuwsbrief in aanraking met JongIVN. Berichten over voedselbossen trokken zijn aandacht, en via de Nature Impact Days rolde hij steeds verder het netwerk van JongIVN in. Daarnaast kwam hij terecht bij een groot voedselbos in aanleg, waar hij ging meehelpen en het concept in de praktijk leerde kennen.
Dat bleek het begin van iets groters, want niet veel later werd er door iemand een oproep gedaan of er animo was om ook in zijn eigen dorp een openbaar voedselbos aan te leggen. Dat enthousiasme was er en in 2024 werd hun eigen voedselbos werkelijkheid, verbonden aan de lokale IVN-afdeling, waar Mark sindsdien regelmatig helpt.
Het werk verandert met de seizoenen. Aanplanten gebeurt vooral in de winter en het najaar. In de zomer draait het vooral om bewateren om alles levend te houden op de zandgronden waar het voedselbos ligt. Inmiddels is de oogst ook langzaam begonnen: pruimen en bessen zijn al binnengehaald, en er staan nashi-peren, kastanjes, walnoten, appels en zelfs een uiensoepboom in de grond.
‘Ik merk dat het het beste werkt om vaak te komen en te werken in het voedselbos. Zo leer ik de soorten het beste kennen, door ernaar te kijken en ermee te werken. Ik heb ooit een cursus over soorten gevolgd, maar dat bleef minder goed hangen dan gewoon zelf aan de slag gaan.’
Mark deed ook mee aan twee Groen Traineeships: Guardians of the Water en Bodemkracht. Beiden zetten hem aan het denken over zijn eigen verbinding met de natuur. Daarnaast was Mark eerst als bezoeker aanwezig bij het voedselbosfestival van IVN, maar hij heeft zich inmiddels ook aangesloten bij de organisatie van de volgende editie.
Wat hem in dit alles vooral aanspreekt, is de mix aan mensen die hij tegenkomt. ‘Leuk dat we met verschillende achtergronden samenkomen, maar wel met een gedeelde interesse en waardering voor de natuur. Naast dat het leuk is om samen te werken en kennis op te doen, leer je ook veel van elkaars perspectieven.’ IVN en JongIVN brengen je in aanraking met andere manieren van denken, merkt hij, en geven daarmee ook inspiratie voor manieren om problemen op te lossen.
Waar veel mensen IT en natuur misschien wel als twee gescheiden werelden zien, ziet Mark dat net iets anders. Hij is geïnspireerd geraakt om op zoek te gaan naar manieren om zijn werk toe te passen in het groene domein, het liefst met projecten rond voedselbossen. Zo heeft hij inmiddels connecties bij een organisatie die met bodemsensoren werkt.
De ervaringen bij JongIVN hebben ook zijn manier van denken beïnvloed. ‘Ik ben anders gaan kijken naar het oplossen van problemen. In plaats van puur technologisch te kijken, heeft het me geleerd breder na te denken over de systemen eromheen. Het geeft me een breder perspectief.’
Ook in zijn dagelijks leven is er iets verschoven. Mark staat nu bewuster stil bij wat er op zijn bord ligt en bij de verborgen impact van de voedselindustrie. Een moment dat hem is bijgebleven is de eerste keer dat hij een amandel aan een boom zag hangen. Eerst is er een vrucht met een pit erin, en pas in die pit zit de amandel die je in de supermarkt in een zakje met tientallen tegelijk koopt. ‘Dan ga je je afvragen: hoeveel bomen zijn er eigenlijk nodig voor al die zakjes?’
Mark voelt zich erg welkom bij de meet-ups van JongIVN en vindt het leuk dat je steeds dezelfde mensen terug ziet. Hij heeft ook weleens vrienden meegenomen om te helpen in het voedselbos, een dag die iedereen als fijn ervoer om buiten bezig zijn.
Toch ziet hij ook de drempel die er voor veel jongeren is: drukke schema’s maken het lastig om structureel mee te doen, en het is een stuk makkelijker om aan te sluiten als je al via via mensen kent die er ook zijn.
Voor de toekomst hoopt hij te blijven helpen in het voedselbos en bij te dragen aan de organisatie van het voedselbosfestival. Ook zijn IVN-lidmaatschap houdt hij aan, als manier om betrokken te blijven.
‘Ik zou ze het advies geven om gewoon mee te gaan, ook al twijfel je. Het is heel laagdrempelig en je komt altijd wel mensen tegen met wie je het kunt vinden. En juist ook als je (nog) niet in die groene wereld zit, zoals ik een aantal jaar geleden, zijn dit soort activiteiten met leeftijdgenoten een mooie manier om toch af en toe iets bij te dragen. Er zijn zoveel kansen via IVN of andere aangesloten organisaties.’
‘Vrienden dachten dat ik een grap maakte, maar er zijn zo veel verschillende soorten grassen, het is zoveel meer dan alleen ‘gras’. Al heb ik er door mijn hooikoorts ook wel een love-hate relatie mee opgebouwd.’
‘Ze zijn zo bepalend voor het ecosysteem. In de buurt van een voedselbos waren bevers dammen aan het bouwen, het werd bijna een spelletje om steeds een stukje af te breken zodat de bomen geen natte voeten kregen, waarna de bevers het weer opbouwden.’
‘Dit is een groot natuurgebied bij mij in de buurt, dat nu wordt uitgebreid en waar ze met rewilding principes werken. Zo lopen er bijvoorbeeld grote grazers rond. Ook de nabijgelegen peelrandbreuk, een breuk in de aardkorst, maakt het een bijzonder gebied.’
‘Als je die onder groente mag rekenen tenminste. Die kunnen op termijn ook in het voedselbos groeien. Ik zou er graag nog meer over willen leren’.
Tekst: Indy van der Giessen
Beeld: Stefan Hoepermans en Mark van der Pas