IVN Oss
Vogels
vrijdag29okt2021

De spreeuw: kleurrijk, nuttig en verrassend

De spreeuw is allesbehalve saai. Volwassen spreeuwen zijn zomers prachtig wit gespikkeld en als je ze in de zon ziet, spatten allerlei kleuren er vanaf: zwart, paars, bronsgroen en verschillende variaties purper. Buiten het broedseizoen hebben de spreeuwen een zwarte snavel, in het broedseizoen kleurt die opvallend geel. Jonge spreeuwen zijn meestal grijs-bruin met soms al witte stippen.
Behalve hun kleuren hebben spreeuwen nog een verrassing voor ons: ze kunnen prima imiteren. Ens hoorden we een luid roepende grutto in een hoge boom midden in Oss?  Dat is vreemd midden in de stad en in een boom? Na lang zoeken werd de ‘grutto’ gevonden: een perfect imiterende spreeuw.

Achteruitgang
Hoewel de spreeuwen gelukkig nog steeds talrijk zijn,  gaan ze als broedvogel hard achteruit, met name  in West-Europa. Slechts 30% van de aantallen van de jaren ‘80 is over. Spreeuwen houden van extensieve, vochtige graslanden en door drainage zijn die er steeds minder.
Spreeuwen eten van alles, maar in de polder vooral emelten en andere insecten en dat is heel nuttig. Emelten eten namelijk de wortels van gras en als ze te talrijk worden kunnen ze flinke schade aan het grasland veroorzaken. Ook eten ze fruit en in de herfst veel bessen.

Aantallen
Zaterdag 2 oktober is de jaarlijkse telling van trekvogels in Europa gehouden, de zogenaamde Eurobirdwatch. In Nederland doen honderden vogelkenners daar aan mee. Evenals vorig jaar werd de spreeuw het meeste geteld, liefst 391.701 keer. De ‘noordelijke’ spreeuwen begin oktober massaal naar het zuiden getrokken. Dat was dan ook de goede tijd om uit te kijken naar ‘dansende wolken´.
Als je de kaarten van onze polders ziet dan komen overwinterende spreeuwen vooral in de lagere polders voor, weinig in de hoger gelegen delen. De weidevogelgebieden springen er uit met grote aantallen spreeuwen.

Dansende wolken
De Nederlandse broedvogels blijven vaak hier overwinteren, een deel gaat op trek naar België, Noord-West-Frankrijk en Zuid-Engeland, maar nooit verder dan een paar honderd kilometer. Vooral in september en oktober zijn de aantallen in Nederland het grootst, omdat dan veel trekvogels uit Oost-, Midden- en Noord-Europa arriveren. Er kunnen dan tussen de 1 en 3 miljoen spreeuwen in ons land zijn. In deze periode kunnen we soms de prachtig bewegende wolken van spreeuwen zien. Ze doen dat o.a. als er een roofvogel in de buurt is. Door dicht bij elkaar te vliegen en snel te zwenken proberen ze de roofvogel in verwarring te brengen.  Dat gebeurde een aantal Jaren geleden ook boven het station van Oss. Een groep van enkele honderden spreeuwen werd aangevallen door een sperwer. De spreeuwen gingen dicht bij elkaar vliegen en de sperwer wist er geen raad mee. Als de sperwer wat verder weg was, gingen de spreeuwen weer verder uit elkaar vliegen en onmiddellijk ging de sperwer weer in de aanval. De spreeuwen vormden meteen weer een dichte wolk. Dit spel duurde minstens 15 minuten en toen gaf de sperwer het op.
Bij slaapplaatsen kunnen dergelijke wolken uit grote aantallen spreeuwen bestaan en lijkt het alsof ze dansen in de lucht. Flinke aantallen komen voor in het rivierengebied, zoals in onze polders. Zolang het riet niet is gemaaid langs de Hertogswetering en de aan- en afvoersloten, kunnen er duizenden spreeuwen in het riet slapen. Regelmatig worden ze daar lastig gevallen door een slechtvalk en vormen dan opnieuw de 'dansende wolken'.

Voor meer over ‘Vogels in de polders rond Oss’: kijk op www.ivn.nl/afdeling/ivn-oss/nieuws/over-vogels-in-de-osse-polders.

Foto's: Theo van Orsouw (IVN Oss)

Spreeuwen - Foto van Theo van Orsouw (IVN Oss)