Biodiversiteit
Biodiversiteit
Zorg- en groenprofessionals kwamen vorige week maandag, 22 juni samen bij Pro Persona in Wolfheze voor een inspiratiebijeenkomst over natuurversterking en groenbeheer op GGZ-terreinen. De middag was georganiseerd door de Groene GGZ, vanuit de programma’s Te Gek Groen en Groen voor Gezondheid.
Dat groen veel doet voor de mentale gezondheid is bekend. Maar hoe richt je een terrein zo in, dat het ook de biodiversiteit en beleving versterkt? En dat het beheer behapbaar blijft? Onderzoek van de WUR, de standaarden binnen de Milieuthermometer Zorg en praktijkvoorbeelden gaven een zetje in de goede richting.
Joyce Zwartkruis (Wageningen University & Research) begon de middag met uitleg over het project ‘Zorg voor natuur’. Het project vertaalt wetenschappelijke kennis naar praktische handelingsperspectieven voor zorginstellingen, onder andere via bijeenkomsten en de podcast ‘Zorg in de tuin’.
“Groen werkt als een stille co-therapeut: het vermindert stress, stimuleert beweging en ondersteunt herstel.” – Joyce Zwartkruis
Binnen de GGZ leidt een groene omgeving tot minder onrust, meer positieve interactie en ruimte voor zelfreflectie. Ook medewerkers ervaren minder stress en werkdruk. Groen is daarmee geen kostenpost, maar een waardevolle investering die bijdraagt aan welzijn én kostenbesparing, bijvoorbeeld door lager ziekteverzuim.
Zorginstellingen beschikken gezamenlijk over ongeveer 50.000 hectare terrein. Tegelijk bestaat een groot deel nog uit verharding of afgesloten ruimte, terwijl zorgterreinen vaak dichtbij natuurgebieden liggen. Juist deze locaties kunnen schakels worden tussen natuurgebieden en zo de biodiversiteit versterken.
Een belangrijk thema deze middag was de inrichting van de buitenruimtes. Denk aan zicht op groen vanuit ramen, goede aansluiting op omliggende natuur en het betrekken van facilitair management bij herontwikkeling. Ook werd benadrukt dat doelgroepen – cliënten, medewerkers en omwonenden – actief betrokken moeten worden bij het ontwerp. We hebben namelijk te maken met mensen met verschillende achtergronden, gewoonten en routines. Groene buitenruimtes bieden daarnaast kansen voor activiteiten en dagbesteding. Voorbeelden zijn groenploegen of werkervaringsplekken, waarbij cliënten meewerken in het onderhoud. Dit levert niet alleen praktische vaardigheden op, maar ook structuur, zelfvertrouwen en sociale ontwikkeling.
Ook zorgmedewerkers kunnen ‘buiten zijn’ meer als onderdeel van hun werk zien; een wandeling met een client of werken in het groen draagt bij aan herstel en ontspanning.
De overstap naar ecologisch beheer kwam ook aan bod. Zo is groen niet automatisch biodivers: veel terreinen bestaan nog uit gazons en reguliere beplanting. Door extensiever beheer, inheemse soorten en ruimte voor natuurlijke processen kan biodiversiteit worden vergroot. Spreker Tjibbe Haanstra (Donker Groep) benadrukte een systeemaanpak met zes indicatoren: veiligheid, voedsel, variatie, vocht, verbinding en voortplanting. Vooral verbinding is cruciaal: terreinen kunnen fungeren als ‘stepping stones’ tussen natuurgebieden. Ook ‘rommelige’ elementen zoals bramen en dood hout zijn ecologisch waardevol. ‘Wat rommelig oogt, is vaak juist rijk aan leven’, aldus Tjibbe.
Voorbeelden van maatregelen
Esther de Groot van Milieu Platform Zorg verzorgde een werksessie over de onderdelen van de ‘Milieuthermometer Zorg’ die gaan over groenbeheer en natuurinclusieve zorg. De Milieuthermometer geeft invulling aan de Green Deal Duurzame Zorg en biedt naast maatregelen op het gebied van duurzaamheid ook een gestructureerde aanpak voor vergroening. Esther: ‘Hiermee wordt duurzaamheid stap voor stap een vanzelfsprekend onderdeel van de dagelijkse praktijk’.
De onderdelen binnen de Milieuthermometer Zorg over vergroening beslaan onderwerpen als biodiversiteits herstel, duurzaam plantgoed, bestrijding van invasieve exoten en bemesting. Bij nNatuurinclusieve zorg moet je denken aan inzet van natuur als gezondheidsbevorderend middel in de zorg.
Tijdens de bijeenkomst en de wandeling werden praktijkvoorbeelden gedeeld van onder meer Pro Persona en GGZ Centraal. In Wolfheze wordt gewerkt met sinusmaaien (gefaseerd maaien waarbij stukken gras worden ontzien en bloemen en kruiden meer kans krijgen), inzet van schapen en een meer biodiversere inrichting, mede dankzij subsidies. Een belangrijk knelpunt bleek de afhankelijkheid van tijdelijke financiering. ‘Zonder structurele middelen voor beheer en onderhoud blijft verduurzaming kwetsbaar’, gaf Hendrik van Kan, manager technisch beheer bij Pro Persona aan. Andere uitdagingen bij de deelnemers waren parkeerdruk, vastgoedkeuzes en centrale inkoopstructuren.
De middag werd afgesloten met een rondgang over het terrein van Pro Persona. Dani Korai van IVN gaf toelichting op projecten die de Groene GGZ daar gaat realiseren, zoals een nieuwe natuurbelevingsroute op het terrein en een ontmoetingsplek buiten. De route is straks voor bezoekers, bewoners (al dan niet met begeleiding) en omwonenden te wandelen. Mooi om te horen dat Pro Persona op veel plekken de verbinding met de omgeving actief opzoekt, via de nieuwe route maar ook via regelmatige evenementen samen met omwonenden. Zo kunnen niet alleen bewoners en personeel, maar ook omwonenden genieten van een steeds natuurlijker groen terrein.
Deze bijeenkomst werd mogelijk gemaakt vanuit het programma Groen voor Gezondheid, het verdiepingstraject natuurversterking op GGZ-terreinen (Te Gek Groen) en Pro Persona als host en icoonlocatie.