Tiny Forest
Natuur in de Buurt
dinsdag02jul2019

Blog: Een Pinkstermorgen als Tiny Forest onderzoeker

Christine Wortmann is sinds kort Tiny Forest onderzoeker. Inmiddels heeft ze de trainingsdag en al een aantal bezoekjes aan 'haar' Tiny Forest bij het Muziekplein in Utrecht achter de rug.  Zo deed ze dat ook op een pinkstermaandag. Gewapend met verrekijker, notitieblok en fototoestel. In dit blog beschrijft ze precies wat ze doet op zo'n ochtend en waarom het onderzoek belangrijk is!

Aantoonbaar biodiversiteit vergroten

Als onderzoeksvrijwilliger ben ik onderdeel van het onderzoeksprogramma van het IVN en Wageningen Environmental Research naar Tiny Forests. Een Tiny Forest is een dichtbegroeid, inheems bos ter grootte van een tennisbaan. Wat ik zo mooi vind aan deze manier van aanplant, is dat die niet alleen focust op kwantiteit van groen. Er wordt juist ook op kwaliteit gelet: het toepassen van een diversiteit aan soorten die zelf ook weer zorgen voor meer biodiversiteit. 

Tiny Forest

Dit onderzoek richt zich daarom ook op het meten van het effect van de Tiny Forest methodiek op biodiversiteit. Dit doen we door middel van waarnemingen en determinatie, of in Jip en Janneke taal: kijken, maar vooral het beestje of plantje dat je ziet de juiste naam geven.

Turen en swipen

Dat laatste is zowel het lastigste als het leukste deel van het onderzoek doen. Het is net een soort speurtocht. Een lieveheersbeestje is nog eenvoudig te herkennen, maar geef een willekeurige rups of tor maar eens de juiste naam. Tijdens de training werd ons verteld dat determineren vooral 'on the job' geleerd wordt, gewoon door te doen dus. Dit hoef je gelukkig niet alleen te doen: er zijn allerlei hulplijnen in te zetten, zoals websites met een batterij aan foto's waar je doorheen kunt bladeren om die rups te herkennen, en de online community van onderzoeksvrijwilligers waar je je foto's van naamloze beestjes kwijt kunt.

Elk bezoek start hetzelfde: 15 minuten vanaf een afstand turen naar het Tiny Forest. Dit is om te kijken of er vogels zijn die het bos gebruiken. Te dichtbij, en je schrikt ze af. Daarna ga ik het Tiny Forest zelf in. We gebruiken tapijttegels om bodemdieren beter te kunnen onderzoeken. Die gaan hier graag onder zitten. De kunst hier is snelheid: zodra je de tegel optilt, glibbert en krioelt alles meteen weg de donkere aarde in. Naast dat ik alle tapijttegels langsga, kijk ik ook wat ik zie vliegen, zitten of groeien in de rest van het bos. Alle waarnemingen noteer ik voor latere verwerking in een Excelbestand. Al deze bestanden van alle onderzoeksvrijwilligers gebruikt Wageningen om een zo groot mogelijke dataset te verzamelen.

Wat me op pinkstermaandag meteen opvalt, is hoe hard het bos in korte tijd is gegroeid. Toen ik in het vroege voorjaar er was, en alles nog kaal was, kon je je bijna niet voorstellen dat het zo snel zou groeien. Twee maanden later is het bijna niet meer terug te herkennen. Inmiddels groeien een aantal van de meest succesvolle bomen al ver boven mijn hoofd uit.

Tiny ForestLinks: vroege voorjaar, rechts: afgelopen maandag

Determineren kun je leren

Het is een succesvolle morgen. Ik ontdek een aalbes waar al volop bessen aan hangen, zie 2 (verliefde?) libelles, en zelfs een vogel in het bosje. Dit is bijzonder, omdat het TF Muziekplein op een drukke plek staat waar veel auto's, fietsers en zelfs treinen langskomen die vogels snel verjagen.

Ik kijk er naar uit wat ik bij mijn volgende bezoek weer aantref, en hoezeer het bos dan weer is gegroeid. Ik neem me voor om volgende keer een loeppotje mee te nemen, om insecten nog beter te kunnen onderzoeken en mijn determinatie-skills verder te verbeteren. (Ja, precies zo'n loepje dat je vroeger ook bij je WNF Rangers blad kreeg.)

Tiny Forest

Meer weten?

Ben je enthousiast geworden over Tiny Forests en wil je meer weten over dit concept? Je kunt ook direct zelf aan de slag met je eigen Tiny Forest; het handboek met de volledige methode is via de website beschikbaar. Dit kan tegenwoordig ook als particulier met een Tuiny Forest: een inheems bos op tuinformaat.

Tekst en foto's: Christine Wortmann, Vakgroepleider en Strategisch Adviseur Duurzaamheid bij Primum