Honden in de natuur

Een lange wandeling door de prachtige natuur of een dagelijkse rondje is een genot voor baasje en hond. Na een lange dag binnen zitten, kan je hond lekker z’n energie kwijt door buiten te rennen en te spelen. We snappen dat je je hond het liefst wil loslaten, maar wist je dat hij schade kan aanrichten, ook al rent hij niet eens achter wild aan? Laat je hond daarom alleen los in de daarvoor bestemde losloopgebieden. Aangelijnd is je hond bijna overal welkom. Kijk op de borden bij de toegang van het gebied om te checken of je in een hondenlosloopgebied bent. Zo houden we de omgeving aantrekkelijk voor hond, mens en natuur!

Hondenlosloopgebieden

Er zijn een aantal gebieden waar je hond los mag lopen, de zogenaamde hondenlosloopgebieden. Je hond kan er rondrennen, snuffelen of spelen met andere honden. Deze hondenlosloopgebieden worden aangegeven met bordjes bij de toegang van het gebied. Bekijk de kaarten met hondenlosloopgebieden in de gemeente Arnhem en de gemeente Rheden.

Waarom is het in andere gebieden belangrijk om honden aangelijnd te houden?

Door je hond buiten de hondenlosloopgebieden aan te lijnen, houd je rekening met mensen en dieren en draag je bij aan de instandhouding van de natuur. We weten dat het moeilijk is, maar zou je hier rekening mee willen houden?

1. Achterlaten van geur en urine
Wist je dat alleen al hondengeur en de urine van honden er voor kan zorgen dat ouders (zoals dassen) niet meer terugkeren naar hun nest met jonge dieren? De jonge dieren verhongeren.

2. Rennen achter wild aan
Sommige honden rennen achter wild aan zoals konijnen, hazen, reeën, dassen, zwijnen of vogels. De dieren voelen zich bedreigd en slaan op de vlucht. Soms lopen de vluchtende dieren zich dan letterlijk dood tegen auto’s of prikkeldraad. Jaarlijks worden meerdere reeën doodgebeten door honden.

3. Onvoorspelbaar (speels) gedrag van honden
Ook als de hond niet achter het wild aan gaat, is het onvoorspelbare (speelse) gedrag angstaanjagend voor de dieren waardoor ze vluchten. Tijdens de winterperiode – als de bomen kaal zijn – vinden schuwe dieren minder goed dekking voor loslopende honden en raken in paniek.

4. Dieren verlaten hun nest
Dieren kunnen zo in paniek van loslopende honden dat ze niet meer terug keren naar het nest en de jongen verhongeren. Als vogels die op de grond broeden moeten vluchten voor honden, zijn de eieren of jonge kuikens een gemakkelijke prooi voor roofdieren. Bovendien worden nesten van (beschermde) vogels op de grond vertrapt tijdens de broedtijd, waardoor de eieren verloren gaan.