Mens en Natuur
Duurzaamheid
vrijdag01okt2021

De groene vlam doorgeven

Op de Brede School Oost in Bergen op Zoom krijgen kinderen veel buiten les, in de verschillende biotopen op het schoolplein. Zo leren ze alles over de natuur vanuit de praktijk. ‘Zo planten we het zaadje voor een duurzame levenshouding.’

Als ouders hun kind inschrijven voor de Brede School Oost in Bergen op Zoom nodigt directeur Saskia van Loon ze altijd uit voor een rondleiding door de school en vooral langs de buitenruimte. Onder andere de moestuin, wildweide, vlindertuin, de bospaadjes, vijver, paddenpoel en ook de boomhut, waterpomp en klimboom komen dan voorbij. “De kans is groot dat uw kind vies thuiskomt”, waarschuw ik dan alvast. Mooie kleding kun je het best in het weekend aandoen, en niet op een schooldag.’ Deze waarschuwing vooraf werkt allerminst afschrikwekkend.

De basisschool in het oosten van Bergen op Zoom heeft een inschrijvingspercentage van bijna 100 procent, ook al ligt de gemengde school in een wijk die minder goed bekendstaat en ook al zijn er met 26 basisscholen in de stad genoeg alternatieven. ‘De helft van de ouders kiest voor ons omdat de school in de buurt ligt, de andere helft kiest voor onze groene profiel’, weet Saskia. ‘Er zitten hier zelfs kinderen uit het centrum en ook uit dorpen in de omgeving.’

BiologiePlusSchool

Als een van de eerste basisscholen in Nederland kreeg de Brede School Oost het label BiologiePlusSchool. Behalve dat het schoolplein meerdere groene biotopen en natuurlijke spelelementen telt, betekent dit dat een groot deel van de lessen – ook het reken- en taalonderwijs – buiten wordt gegeven. Daarbij staan praktijkopdrachten zoals het doen van proefjes centraal.

Zo moeten de kinderen bij de paddenpoel onderzoeken of de dieren beter gedijen op schaduwrijke plekjes of juist in de zon en meten ze hoe snel kikkervisjes groeien. In de moestuin wordt met loepjes onderzocht hoe rijk het bodemleven daar is. De wildweide voor de school leent zich juist weer goed voor lessen over zaden. En aan de hand van het natuurmuseum in de school – een vitrine met opgezette vogels en zoogdieren – wordt onder andere uitgelegd waarom vogels verschillende typen snavels hebben. Vervolgens moeten kinderen die vogels buiten gaan spotten.

‘Die praktijklessen buiten beklijven veel beter’, zegt Ingrid de Graaff die nu intern begeleider is, maar tot de zomer zelf ook docent was. ‘Vorig jaar vroeg ik de leerlingen op een regenachtige dag om hun biologieboek open te slaan. “Dit is voor het eerst in een half jaar dat we ons boek moeten pakken”, zei eentje verrast.’ Ook in de coronatijd, toen de leslokalen gesloten bleven, werden de kinderen nog steeds gestimuleerd om naar buiten te gaan.

Ingrid: ‘We hebben onder andere een speurtocht in de nabijgelegen natuurgebieden uitgezet.’ Saskia: ‘We kregen onlangs een compliment van de onderwijsinspectie, ze vonden het opvallend dat onze kinderen nog zo fris waren ondanks al het thuisonderwijs.’

Groene school Foto Annelore van HerwijnenSchooldirecteur Saskia van Loon (l) en Ingrid de Graaff (r): ‘Wij willen het zaadje planten voor een duurzame levenshouding.’

Meester Eric

De school, die in de woonwijk Warande Gageldonk ligt, besteedt al zeker dertig jaar veel aandacht aan natuureducatie. ‘De onlangs overleden meester Eric Adriaensen heeft daarin een belangrijke rol gespeeld’, vertelt Ingrid terwijl ze de vlindertuin laat zien waarmee de vergroening van de school begon.

‘Hij vond het belangrijk dat het schoolplein niet alleen groener werd, maar ook een belangrijke rol in de lessen had.’ Ook zorgde hij ervoor dat er bij de verschillende biotopen borden kwamen te staan met informatie over wat er groeit en leeft en dat de bijbehorende diersoorten met hun namen en afbeelding op de ramen van de klaslokalen erachter staan.

Schooldirecteur Saskia heeft zelf als kind op deze school gezeten. ‘Meester Eric is mij altijd bijgebleven, onder andere vanwege zijn liefde voor de natuur. Toen ik vanuit de pabo stage ging lopen, wilde ik dat dan ook heel graag op mijn oude school doen.’ Ingrid weet nog goed hoe ze 23 jaar geleden op de school begon. ‘Op de pabo had ik me gespecialiseerd in biologie en meester Eric vroeg mij of ik in de natuur- en milieukundedocentengroep wilde, niet eens zozeer vanwege mijn kennis, maar vooral vanwege mijn enthousiasme. Dat enthousiasme vragen we ook van nieuwe docenten die hier komen werken. Ze hoeven geen groene experts te zijn, maar het is wel belangrijk dat ze onze missie onderschrijven en het groene vlammetje kunnen doorgeven.’

Voor de docenten die geen groene achtergrond hebben zijn de informatieborden handig als geheugensteuntje. Dat geldt ook voor de naambordjes die op alle inheemse bomen rondom de school hangen. Egels en eekhoorns Ingrid wijst op de houtwal die voor het fietsenhok staat. ‘Hier voelen egels zich thuis en in die bomen daar zien we geregeld eekhoorns.’ Ze wijst naar boven. ‘Op het dak naast mijn lokaal nestelde laatst een meeuw, mooier lesmateriaal kan niet.’

Al het groen in en rondom de school moet natuurlijk onderhouden worden. Dat gebeurt voornamelijk door de kinderen uit groep 5. De kinderen uit groep 6 maken het konijnenhok schoon. Ingrid: ‘Dat doen ze in de pauze. Het enige wat je hoeft te zeggen is “wat staat de tuin er mooi bij!” De volgende pauze staan er dan nog meer kinderen ijverig te wieden. Wat je met een compliment al niet voor elkaar kunt krijgen.’ ‘Door de kinderen zelf onderhoud te laten doen en ze veel uitleg te geven, creëer je verantwoordelijkheidsgevoel’, vult Saskia aan. ‘Geen leerling zal het in zijn hoofd halen om over het hekje naast de vijver te klimmen. Ze weten dat daar kikkers en stekelbaarsjes leven en dat er zeldzame orchideeën rondom het water groeien.’ Waar het met het groene klimaat buiten de school wel goed zit, kan het binnenklimaat, net als op veel scholen stukken beter.

Verbouwing zo duurzaam mogelijk

Saskia: ‘De komende jaren wordt de school gerenoveerd en deels vernieuwd. Die verbouwing willen we zo duurzaam mogelijk doen, met onder andere zonnepanelen en sedum op het dak. Het lijkt me geweldig om grotendeels zelfvoorzienend te zijn met onder andere toiletten die met regenwater worden doorgespoeld.’

Voor de aanschaf van de groene speelelementen, regentonnen en andere groene zaken vond de school sponsors bij lokale bedrijven en organisaties zoals Cargill en Sabic. Ingrid: ‘Het hout waarmee ons buitenlokaal is gemaakt, hebben we gekregen dankzij een telefoontje naar de boswachter.

Tijdens een NL Doet-vrijwilligersdag hebben we dat met hulp van ouders en vrijwilligers gebouwd. Nu is de zitkring een fijne plek om voor te lezen, te vergaderen of voor een buitenles.’ De aanleg van de nieuwe vijver en de boomhut werd betaald met de opbrengsten van een sponsorloop en de verkoop van chocoladerepen met daarin gouden wikkels met prijzen. Ingrid: ‘Een idee van de kinderen uit de leerlingenraad.’

De kabouterhuisjes en andere decoratieve elementen uit het kabouterbos zijn niet gekocht, maar gemaakt door kinderen uit de klusklas. Dat geldt ook voor de kweekbakken van groenten en kruiden die her en der op het schoolplein staan, zelfs bij het peuterlokaal. Onder begeleiding van een vakdocent leren kinderen in de klusklas om van alles zelf te maken.

Saskia: ‘Niet ieder kind is in de wieg gelegd om hersenchirurg of advocaat te worden. Kinderen die wat minder goed kunnen leren, maar wel een grote praktische intelligentie hebben, komen beter uit de verf in deze klas. Dat is goed voor hun zelfvertrouwen.’ Minder pesten Hun aanpak draagt er volgens de twee aan bij dat er op hun school minder gepest wordt. Saskia: ‘Het gaat erom dat je het kind ziet en dat het er mag zijn. Als ieder kind ertoe doet, is er veel minder onderlinge concurrentie. Die boodschap willen wij ook doorgeven met het natuuronderwijs: de natuur oordeelt niet.

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat de natuur een gunstige invloed heeft op de ontwikkeling van kinderen. Natuur is goed voor de zintuigen, motoriek, concentratie, creativiteit en de ontwikkeling van sociale vaardigheden. Dat kunnen wij beamen.’ Als de kinderen later een groen beroep kiezen dan zouden de twee dat leuk vinden, maar dat is volgens hen niet het doel van het natuuronderwijs bij hen op school. ‘We willen vooral het zaadje planten voor een duurzame levenshouding. Dat je bewust eet en voor gezonde en duurzame producten kiest, dat je je afval scheidt, of dat je er een keer voor kiest om een boswandeling te gaan maken in plaats van te gaan shoppen. Dat is al winst.’

Tekst Marianne Wilschut
Foto's Annelore van Herwijnen

Dit artikel verscheen eerder in de herfsteditie van Mens & Natuur magazine. Wil je ook het Mens & Natuur Magzine ontvangen? Voor € 24 per jaar ben je al lid van IVN en ontvang je naast 4x per jaar ons magazine ook korting in onze webwinkel (geldt niet voor boeken) en kun je gratis of met korting deelnemen aan onze activiteiten, cursussen en workshops.

Ja, ik word lid