Proefjes voor thuis

De schaatsenrijder kan op het water 'lopen'. Met de roeibewegingen die hij met zijn pootjes maakt, lijkt het net of hij over het water schaatst. Dit komt door de oppervlaktespanning van het water. Oppervlaktespanning is een natuurkundig verschijnsel waarbij het oppervlakte van het water zich gedraagt als een veerkrachtige laag. Dit kan alleen in schoon water.

Proefje oppervlaktespanning

Vul maar eens een glas met water. Helemaal tot aan de rand. Gooi er nu een muntje in. Zie je dat het water een beetje bol blijft staan en niet meteen over de rand loopt? Dat komt doordat de oppervlaktespanning het water 'vasthoudt'.

Met een eenvoudig proefje kun je de oppervlakte spanning zien en verbreken.

Dit heb je nodig:

  • Een glas gevuld met kraanwater
  • Een droge punaise (zonder plastic)
  • AfwasmiddelPunaises

Leg de droge punaise voorzichtig op het water.

Hij blijft drijven! Net als de schaatsenrijder. Dat komt door de oppervlaktespanning van het water. Wat gebeurt er als je een druppeltje afwasmiddel in het water doet? De punaise zinkt! Doordat de zeepdeeltjes tussen de waterdeeltjes komen wordt de verbinding tussen de waterdeeltjes zwakker en verliest het water zijn veerkrachtige laag.

Proefje een waterkringloop maken

Het water op aarde loopt in een kringloop. Dat betekent dat er eigenlijk geen begin of einde is. Het proces gaat altijd door. De waterkringloop zorgt ervoor dat via verdamping, wind, wolken en neerslag er telkens nieuw zoet water ontstaat en over de aarde verdeeld wordt. 

Maak zelf een kringloop met slootwater, dan kun je zien dat het water aan het einde van de kringloop al veel schoner is!

Dit heb je nodig:

  • Grote kom of afwasteil
  • Drinkglas
  • Slootwater of troebel water
  • Zand
  • Huishoudfolie
  • Steentjes
  • Zonnige dag

Stap 1. Doe het water en zand in de grote kom en meng dit door elkaar.

Stap 2. Plaats het glas in het midden van je kom. Zorg dat de rand van je glas niet onder water komt!

Stap 3. Sluit de kom helemaal af met huishoudfolie.

Stap 4. Leg in het midden van je folie een paar steentjes, zodat het folie naar beneden zakt tot net boven je glas. 

Stap 5. Laat de bak een tijdje in de zon staan. Na een tijdje zit er een laagje water in je glas en het water in je glas is schoner dan het water in je kom. LET OP: je kunt het water nog niet drinken.

Waterkringloop maken

Proefje zuur of zepig slootwater?

Slootwater noemen we zoet water, maar het smaakt helemaal niet zoet. Het kan zelfs een beetje zurig zijn. Het tegengestelde van zuur is basisch, ook wel zepig genoemd. Ook dat kan slootwater zijn. Tussen zuur en basisch ligt ‘neutraal’, in dit soort water leven de meeste waterdiertjes het liefst.
Wil je weten hoe zuur of basisch jouw slootwater is? Je kunt dat testen met een lakmoespapiertje. Deze zijn bijvoorbeeld te koop bij dieren- of vissenspeciaalzaak. Maar je kan ook de proef met rode koolsap doen.

Dit heb je nodig:

  • Een verse rode kool (GEEN rode kool uit een potje). Citroen
  • Een pannetje
  • Vier glazen potjes
  • Azijn
  • Afwasmiddel
  • Kraanwater
  • Slootwater

Stap 1. Snijd de rode kool in stukjes en kook deze in het pannetje.

Stap 2. Neem het sap van de rode kool uit de pan waarin de rode kool gekookt is. Het is belangrijk dat hier nog geen appel of azijn bij is gedaan.

Stap 3. Vul vier glazen potjes

  • Potje 1 Kraanwater met rode koolsap
  • Potje 2 Afwasmiddel, water en rodekoolsap
  • Potje 3 Azijn met rodekoolsap
  • Potje 4 Slootwater met rodekoolsap

Stap 4. Laat de potjes een tijdje staan en kijk dan welke kleur de inhoud van het potje heeft gekregen. En… is de vloeistof zuur, neutraal of basisch?