Biotuinen Lelystad

Mei liet zich van zijn slechtste kant zien, de dag dat ik van station Lelystad werd opgehaald door Theo Tromp. Weer of geen weer, ‘Biotuinen Lelystad’ is geopend en er wordt gewerkt, daar zou ik snel achter komen. Theo chauffeert mij van het station naar zijn tuinderij en onderweg vertelt hij honderduit over hoe de stad is opgebouwd. Een stukje buiten de drukte van Lelystad, tegen de bosrand aan, rijden we het terrein van de Biotuinen op. Het regent nog steeds.

Het wordt snel duidelijk dat dit meer dan zomaar een moestuintje is. Een flink terrein, van ongeveer een hectare. We gaan schuilen in het hoofdgebouw, dat hij zelf heeft ontworpen en voor een groot deel ook heeft gebouwd. Ik mag zomaar aanschuiven voor de middagmaaltijd, die door één van de medewerkers is bereid. De verse groenten, uiteraard uit eigen tuin, smaken heerlijk en even later zitten we met een tevreden maag in Theo’s kantoor. Daar begint hij te vertellen.

“Ik vond het een leuk project en ik dacht: ik ga het afmaken”

“Ik heb hiervoor gewerkt in de ICT. In die tijd leerde ik een klant kennen die het idee had om hier een tuin op te zetten. Dat leek me een leuk project, dus ik heb toen besloten daar aan mee te werken. Al snel bleek dat de samenwerking helaas niet ideaal was en mijn partner besloot dan ook uit het project te stappen. Maar, ik vond het een leuk project en ik dacht: Ik ga het afmaken. Dat hield in dat ik het hoofdgebouw wilde afbouwen en het bestemmingsplan van de gemeente wilde invoeren. We kregen subsidie om hier service-volkstuinen aan te leggen (veel kleine moestuintjes die door één beheerder worden onderhouden zodat de eigenaar alleen maar hoeft te oogsten), dus dat moest dan ook gebeuren. Echter, die constructie werkte niet goed. De gemeente trok haar handen ervan af, de toegezegde medewerkers kwamen er niet en ik kwam dus handen tekort. Daar kwam nog bij dat ik zelf eigenlijk niets van tuinieren wist, dus de eerste jaren waren moeilijk.”

“Na drie jaar heb ik dat concept dan ook losgelaten. We zijn nu een ‘Tuinderij’, maar om aan het bestemmingsplan van de gemeente te voldoen mogen mensen hier ook gewoon komen plukken. In plaats van heel veel kleine tuintjes hebben we nu iets minder percelen, dus dat is makkelijker te onderhouden. Het zijn nu ook ónze groenten, dus die kunnen we verkopen. Met mijn ICT-skills heb ik een bestelprogramma gemaakt, waar klanten precies kunnen kiezen wat ze willen. Het klantenbestand bestaat uit enkele restaurants en particulieren uit de omgeving. Die mensen heb ik bereikt door langs te gaan en door te flyeren. Andere inkomsten krijg ik doordat ik hier werkgelegenheid biedt voor mensen die op andere plekken moeilijk ‘aan de bak’ zouden komen. Er lopen hier een paar medewerkers rond die hier dagbesteding hebben gevonden. Vanochtend had ik een gesprek met een jongen die hier zijn taakstraf invulling komt geven. Dit is een ideale plek, ik heb hier alles: werk, ruimte en rust.”

 "Vijf jaar geleden was het hier een soort cowboygebeuren"

“Wij doen hier aan ‘Vedische landbouw’. Dat is landbouw volgens de principes van de Veda, oeroude Hindoeïstische richtlijnen voor    van alles en nog wat. Dit houdt in dat we hier bijvoorbeeld niet ploegen, niet bemesten en niet met gif spuiten, om het bodemleven  zo min mogelijk te verstoren. We gaan ervan uit dat die kunstmatige ingrepen niet nodig zijn omdat dat in de natuur ook niet  gebeurt. Wat we bijvoorbeeld wél doen is de bodem bedekken met een laag ‘mulch’. Dat is plantaardig materiaal als hooi en blad.  Het zorgt ervoor dat de bodem beschermd blijft tegen teveel zon en regen, maar ook voor gezond bodemleven. Het werkt ook als  mest!”

Er werken ongeveer 15 mensen in de Biotuinen, zo vertelt Theo. Ik was behoorlijk onder de indruk van dat aantal, maar hij niet. “Het  is eigenlijk veel minder dan ik zou willen. Hoe meer mensen hier komen, hoe meer kwaliteiten je ook in huis haalt. Vijf jaar geleden  was het hier een soort cowboy-gebeuren, iedereen deed maar wat, er waren nauwelijks voorzieningen. Dat was behoorlijk ruig. Nu  zijn de voorzieningen en het bedrijf wat netter, dus komen er ook andere mensen binnen. De sfeer is echt veranderd sinds er af en  toe vrouwen over de vloer komen en dat is heel prettig.”

“Het gaat gestaag, met kleine stapjes”

“Maar, met de medewerkers die hier nu rondlopen gaat het goed. Sommigen van hen zijn hier helemaal vrijwillig, dat zijn gewoon mensen die het mooi vinden om hier iets te doen. En, bij de mensen die hier wat langer zijn, kun je zien dat ze zichzelf steeds beter kunnen redden. Mijn doel is dat dit bedrijfje zichzelf kan redden, zonder dat ik daar bij hoef te zijn. En dat gaat gestaag, met kleine stapjes. Vorige week hebben medewerkers helemaal zelf de pompoenen geplant en dat hebben ze goed gedaan. Dat vind ik echt een overwinning, daar word ik blij van!