Zutphen
Vogels
vrijdag27jan2017

De Aalscholver als zwaarbeladen IJsselschip

Aalscholvers. Loop langs de IJssel en je ziet ze. Soms staat er op elk rood rivierbaken één met zijn vleugels wijd, alsof ze langskomende schepen begroeten. Of in het water, waar ze als een zwaarbeladen IJsselschip, soms wat dieper en soms wat minder diep in het water liggen. Dat schijnen ze net als de Fuut te kunnen regelen. Andere watervogels kunnen dat niet. Aalscholvers zijn vroege broeders en kunnen in februari, vaak ook al in januari eieren hebben, met een risico dat deze eieren bij lange strenge vorst dood vriezen. Nu in januari-februari zijn er ook verschillen in verenkleed te zien, met name als ze vliegen. Er zijn er die een witte dij-vlek hebben (soms ook broedvlek genoemd). En een meer witte kop en nek. Dat is het teken dat ze in hun broedkleed zijn, waarbij de witte dijvlek door het mannetje met de vleugels als een soort aan en uit knipperlicht wordt gebruikt om de partner te imponeren. De vogels die deze verkleuringen niet hebben zijn de nog onvolwassen vogels, want de Aalscholver is pas na z’n derde jaar volwassen, net als de grote meeuwen. Altijd weer leuk om in de gaten te hebben dat die witte dij-vlek ergens in juni al weer verdwijnt. En dan ga je ook de jongen van dit jaar zien in een veel grijzere borst kleuring. Dus daar begint de jeugd grijs en krijgt de ouderdom meer kleur.

Over ouderdom gesproken, de Aalscholver doet nogal wat prehistorisch aan. Dat klopt ook wel enigszins, want hij behoort net als de Slangenhalsvogel tot een oude vogelsoort. De Slangenhalsvogel wordt bij het duiken (in warme streken) geheel nat tot op de huid. De Aalscholver schijnt de onderdekveren droog te houden. Het nut van zo’n drijfnat (zo nat dat je niet drijft dus) verenpak is dat je dan dieper en sneller kunt duiken achter een vis aan. Ook hun bottenstructuur is minder licht dan andere vogels. En dan die relatief lange staart, die maakt hen onder water heel wendbaar.

Een van mijn eerste kennismakingen met de Aalscholver was doordat een vogelaar bij een binnenwatertje opmerkte ”als er een Aalscholver op het water is, zit er ook vis in het water”. Nu heel logisch maar toen voor mij een eyeopener. Al met al een bijzondere vogel dus.

Ivo de Wijs dichtte:

De aalscholver, zegt men, heeft vuile streken
Zo voedt het arme beest zich graag met vis
Vandaar dat hij zo vaak te vinden is
Bij vijvers waarin kwekers vissen kweken

Die vijveraars beweren: het loopt mis
Zij zouden zich graag op de gauwdief wreken
En hun geweren in de hoogte steken
En schieten, geel en groen van ergernis

Ja, laten wij de aalscholver bevechten
Want stelen, vrienden, is een slechte zaak
Wij mensen hebben toch de oudste rechten
En wat van ons is, slaan wij aan de haak
Dan gaat het met de vis zoals het hoort:
Bewaard voor diefstal, klaargestoomd voor moord

Verslag Wim Bosma