Tamme Baving

De tafel ligt vol stenen en scherven. Achter de tafel zetelt de trotse eigenaar: Tamme Baving. We bevinden ons in zijn cafetaria naast de dorpskerk en we praten met Tamme over zijn omvangrijke archeologische verzameling. Dat moet een stukje opleveren dat past onder de noemer Mooi Vries. Is hier wel sprake van mooi Vries? Nou reken maar! De heer Baving neemt al die stenen en scherven een voor een liefdevol in zijn hand en raakt er niet over uitgesproken. “Dit is toch prachtig!” En alles is gevonden in en rond Vries.  

Tamme Baving (69) is geboren en getogen in Vries. Hij is opgeleid als tekenaar, werkte 14 jaar bij de reclameafdeling van Heineken en beheert vanaf 1974 het cafetaria aan de Brink. Maar we praten over zijn hobby. “Als jongen kwam ik veel bij Van Maanen aan de Vriezerbrug. Die had een soort museum, opgezette dieren, vlinders, enzovoort. Boerema was daar de boekhouder en die zorgde ook voor archeologische vondsten. Die heeft mij aangespoord.” Zo is het begonnen.  

Hij liep dus vaak in het veld. In de tijd van de ruilverkaveling werd er veel overhoop gehaald en waren er ook veel bouwactiviteiten. Een gouden tijd voor de amateur-archeoloog. “Ik gebruikte oude kaarten waarop hoogte en laagte van vroeger stonden aangegeven. In de dalgronden deed je de meeste vondsten, in de oude beekdalen. Na de ijstijd zijn die dalgronden eeuwenlang ondergestoven, maar je kunt ze nog terugvinden.”  

Als je de stenen op de tafel goed bekijkt dan zie je het: het zijn eigenlijk bijlen, vuistbijlen, diverse typen geschachte bijlen, houwbijlen. En die mooie ronde stenen zijn klopstenen die als hamer fungeerden. Verder toont Tamme ons vuurstenen, spinsteentjes en slijpstenen, allemaal stenen die duidelijk door de mens zijn bewerkt zodat ze gereedschappen werden. De scherven komen van allerlei aardewerk, van voorraadpotten, kookpotten, veldovens. Sommige scherven zijn gekleurd of versierd met eenvoudige motieven. Een bepaald type pot wordt aangeduid als Zeijener Cultuur. De resten daarvan vind je behalve in Zeijen ook in het hele noorden. De mensen trokken verder. Uit latere tijden vind je ook in onze omgeving steeds meer importmateriaal, vooral afkomstig uit Duitsland. Er waren veel rondtrekkende handelaren in bijlen en slijpstenen.  

Tamme Baving deed zijn archeologische vondsten op diverse locaties. Langs het Willemskanaal, bij Vriezerbrug, op het voormalige grafveld van Tynaarlo, op de zogenoemde raatakkers op het Noordse Veld. Op dat grafveld vond hij bijvoorbeeld kralen en andere sierraden die met de lijken waren verbrand. En op die raatakkers, kleine omwalde landbouwperceeltjes (ook wel Celtic Fields genoemd) vond hij bijvoorbeeld een paar enorme ploegstenen.

 Prachtig allemaal. Om nog maar niet te spreken van alle sponzen, zeeëgels en andere fossielen die Tamme ook heeft gevonden. Dat is geen archeologie maar geologie. “Ja, voordat je het weet heb je er weer een hobby bij…”  

Bram Visch, Kor Mulder, Heim Meijerink