Zeeboontje

Echinocyamus pusillus

zeeboontjeHet Zeeboontje is een kleine, platte zee-egel uit de familie Echinocyamidae of Zeeboontjes, een familie uit de orde van de zanddollars. Het wordt tot maximaal één centimeter groot.

Het skelet heeft vijf reeksen poriën die in een bloemblaadjespatroon gerangschikt zijn. Deze poriën zijn de plekken waardoor de buisvoetjes van het watervaatstelsel naar buiten komen waarmee het dier kan bewegen en voedsel zoekt. Onderaan zit de mond in het midden en de anus aan de zijkant. Deze zee-egel heeft hele kleine grijs-witte tot groenige stekels die met trilharen zijn bedekt.

Het Zeeboontje leeft in de Noordzee in het zand in water van 20 tot 30 meter diepte. Daar graaft het zich met de stekels op de enigszins afgeplatte onderkant langzaam door het zand waar het plankton en organische deeltjes eet.

Zeeboontjes hebben een ingewikkeld kauwapparaat dat wel uit 40 onderdelen bestaat die samen vijf kaken vormen. Het wordt ook wel de "Lantaarn van Aristoteles" genoemd. De kaken zijn zo krachtig dat ze zelfs op stenen krassen kunnen achterlaten.

Het meeste voedsel krijgt het Zeeboontje binnen door zandkorreltjes met zijn buisvoetjes naar zijn kaken te brengen waarmee hij de korreltjes ronddraait waardoor alle eetbare resten eraf worden geschraapt.

Het Zeeboontje plant zich in de zomer voort, eieren en sperma worden aan het water afgegeven en versmelten in het plankton. Het is een stadium waarin het dus deel van het plankton uitmaakt. Zelf wordt het zee-egeltje gegeten door grotere vissen, voornamelijk de Schar en de Schelvis.

Soms spoelt het massaal aan op het strand, vooral bij oostenwind.

Bronnen: wikipedia.org, waarneming.nl, anemoon.org, waterwereld.nu

Geert Faasse