Touw maken

Hoe kan je touw maken van bijvoorbeeld brandnetels?

Brandnetels hebben sterke stelen die erg vezelrijk zijn. Deze vezels kunnen samengevoegd een sterk touw vormen.

brandnetel touw brandnetel touw

Zoek lange brandnetels, die bij voorkeur een rode steel hebben. Deze hebben sterkere vezels. Snij ze zo dicht mogelijk boven de grond af.Verwijder alle bladeren van de stengel.

Daarna plet je de stengel met bijvoorbeeld een ronde steen. Gebruik geen scherp voorwerp want dan snij je de vezels door.
De vezels komen nu los te zitten van het merg.

Haal de vezels voorzichtig in de lengterichting los.

De vezels zijn nu geschikt om iets mee vast te maken. Wil je er echter een touw van maken dan moeten de vezels voor verdere verwerking een aantal dagen gedroogd worden.

Neem een aantal vezels en vouw ze doormidden zodat ze sterker worden.

brandnetel touw brandnetel touw

Draai de vezels nu in elkaar door ze een richting op te draaien. Voeg steeds nieuwe vezels toe zodat het touw steeds langer wordt.
Wanneer je een dikker touw nodig hebt, kan je enkele strengen samen vlechten.


Deze manier van touw vervaardigen is wel intensief. Er zijn echter nog wel wat alternatieven die sneller voorhanden zijn.
Zo zijn de wortels van de Spar, Den, Els en Berk geschikt om te gebruiken als bindmateriaal. De beste wortels zijn meestal aan de oppervlakte te vinden. Graaf de wortels voorzichtig uit. Ontbloot de wortel in zijn geheel voor hem te verwijderen. Gebruik slechts enkele wortels van een boom.
Het beste is om de buitenste schors van de wortels te verwijderen.
Ook schors kan gebruikt worden als bindmateriaal. De beste schors hiervoor is afkomstig van dunne takken. Vooral schors van Iep, Populier, Esdoorn, Wilg en Linde zijn goed bruikbaar.

Snij van een dunne tak repen in de lengterichting van de bast en stroop de bast dan van het hout af. Deze bastrepen kunnen ook gevlochten worden.

Ook dunne takken en twijgen kunnen gebruikt worden als touw. Speciaal de dunne uitlopers van Berken en Hazelaars zijn hier heel geschikt voor.


Louise van de Oever