Pluis

“Op dinsdagmiddag ben ik bezet, dan ga ik op stap met mijn pluisgroep”. Voor mij en collega-deelnemers van de Natuurgidsenopleiding een heel normale mededeling, maar daarbuiten trekken vrienden en bekenden toch een beetje hun wenkbrauwen op: “Pluisgroep? Met welke vreemde hobby hou jij je tegenwoordig bezig?” 

Als er iets leuk is aan de Natuurgidsenopleiding dan is het wel het tweewekelijks uitje naar ons pluisgebied. Officieel heet het volgens mij adoptiegebied, maar pluizen klinkt veel gezelliger en dat is tenslotte ook wat we op de dinsdagmiddag doen: een klein stukje natuur uitpluizen en gedurende het hele jaar door volgen wat daar zoal gebeurt.

Toen ik er voor de eerste keer over hoorde dacht ik, dat wordt saai, anderhalf jaar door hetzelfde stukje terrein banjeren. Maar niets is minder waar. Nooit beseft dat het zo interessant is om elke keer weer te zien hoe de natuur in de loop van het jaar verandert en hoe de ene plant de andere opvolgt. Hoe een duinvallei in winter en voorjaar helemaal is volgelopen met water en in de zomer een rijk bloeiend paradijsje kan zijn met felgele wederik en daartussen het oplichtend violet van de kattenstaarten. Wat is er mooier dan bij elk bezoek uit te kijken naar ‘onze’ buizerd, die ons met een extra rondje boven de bomen lijkt te verwelkomen.

Ons pluisgebied is de Gamandervallei. En al zeggen we het zelf, we hebben het bijzonder getroffen met het aan ons toegewezen terrein. Niet in het minst omdat deze vallei is genoemd naar de moerasgamander, een zeer zeldzame plant die in Nederland alleen maar voorkomt in de Voornse duinen.

Met spanning werd door de pluisgroep dan ook gewacht op de eerste tekenen van dit  bijzondere plantje. En ja hoor, midden in de zomer stonden ze daar, langs de rand van de inmiddels tot klein formaat geslonken waterpoel. We waren wel een beetje teleurgesteld omdat het eigenlijk maar vrij onooglijke plantjes zijn, nog wat grijzig door het water waarin ze maanden hadden gebivakkeerd. Maar we werden er wel blij van toen de grotere exemplaren gingen bloeien.

Het is bijzonder om te ervaren dat zo’n klein gebiedje zoveel te bieden heeft. Dat er zoveel te vertellen is over de planten, de bomen, de vogels, de insecten. Dat er zoveel te genieten en te verwonderen is. Ook al zouden we niets terecht brengen van de opdrachten -nu hoor ik mijn medepluizers protesteren- deze ervaringen neemt niemand ons af en als de cursus afgelopen is blijft de Gamandervallei een plek om regelmatig terug te komen.

Niet alleen de natuur blijft boeien. Even belangrijk is dat je als pluisgroep veel van elkaar leert en dat ieder daarbij een eigen unieke inbreng heeft. En allemaal zeer enthousiast. Er is altijd wel een verhaal, een anekdote of een ‘natuurmomentje’ dat de rondgang door het pluisgebied iets extra’s meegeeft. Zelfs in de zomervakantie gingen we en als onze zeer gewaardeerde pluismoeders Marianne en Simone verhinderd zijn, slaan we het pluizen niet over.

Dus het is helemaal niet saai om telkens weer opnieuw naar de Gamandervallei te gaan. En pluizen is een geweldige hobby!

Pluizen in de Gamandervallei - juli 2018

Herma Enthoven- de Vries