Meidoorn (eenstijlig)

Crataegus sp.

meidoorn  

Binnen het geslacht Crataegus kent men de Eenstijlige meidoorn (C. monogyna), met een diep veerspletig blad, meestal 5-delig en de Tweestijlige meidoorn (C. laevigata; C. oxyacantha), met een zwak gelobd blad.

De geslachtsnaam 'Crataegus' is afgeleid van het Griekse woord 'kratos', wat slaat op de hardheid van het hout. De soortnaam 'oxyacantha' is samengesteld uit de twee Griekse woorden 'oxus', dat 'scherp' betekent en 'akantha', wat verwijst naar de doorns van de boom.


Beschermende werking
Net als andere stekelige en doornige planten heeft de Meidoorn de reputatie om kwade machten als heksen en bliksem af te wenden. Als afweer tegen hekserij en tovenarij werden bladeren in de wiegen van pasgeboren kinderen gelegd, of hing men meidoorntakjes boven een kinderwiegje. In de Griekse tijd tooide men, op het ‘Bloemenfeest’ ter ere van de wijngod Dionysos (begin van de lente), zich met meidoorntakken als bescherming tegen de geesten van de overledenen die kwamen spoken.

Voorspellende werking
Als de Meidoorn in de herfst veel vruchten draagt, dan komt er een strenge winter. Draagt de Meidoorn in het voorjaar veel bloemen, dan komt er veel koren.

Magisch medisch
De Meidoorn werd veelvuldig aangewend om ziekten te genezen, bijvoorbeeld bij een wrat. Hiervoor stak men een doorn van de struik zo diep mogelijk in de wrat. Maar het geneest ook tandpijn door een meidoornsplinter in de pijnlijke tand of kies te steken tot deze bloed. Daarna steekt men de splinter weer op zijn plaats. Ook bij koortsbestrijding werd de Meidoorn gebruikt. Hiervoor werd er wat haar van de zieke in de Meidoorn verboord. Tegen gewrichtsreuma legde men een takje onder het hoofdkussen.

Jos van der Kaaden