Koninginnekruid

Eupatorium cannabinum


Klasse:     Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:      Bedektzadigen

Orde:       Asterales
Familie:    Asteraceae (Composietenfamilie)
Geslacht:  Eupatorium
Soort:       Eupatorium cannabinum L. (1753)

koninginnekruid                                                     koninginnekruid

Koninginne(n)kruid of Leverkruid zie je veel hier in de duinen groeien. Maar ook in de tuin kan deze plant spontaan een plaatsje veroveren. Jaren geleden hebben we een paar seizoenen van deze plant kunnen genieten, waarna die weer net zo makkelijk verdween. En nu opeens hebben we weer een nieuw exemplaar op een heel ander plekje. Ben benieuwd hoe lang die nu zal blijven.

Het hoog opschietende Koninginnekruid, Eupatorium cannabinum, met zijn leverkleurige bloeiwijzen, is een opvallende soort. Aan de rood aangelopen stengels staan de bladeren, die sterke gelijkenis hebben met hennepbladeren, kruisgewijs tegenover elkaar.De soort wordt 30-170 cm hoog en groeit op vochtige plaatsen, bijvoorbeeld in ruigtes, aan waterkanten, in moerassen, rietlanden en vochtige bossen.
De plant bloeit als schermvormige pluim van bloemhoofdjes. De bloeitijd is van juli tot september. Er vormen zich roze bloemhoofdjes van vijf of zes buisbloemen (soms wit). Het omwindsel heeft purperen topjes. In de relatief kleine hoofdjes zijn alleen buisvormige bloemen te vinden met lange stijlen en ook het pappus, de evolutionair gezien gereduceerde kelk, tref je daar aan. De bloemhoofdjesbodem is vlak en er staan geen stroschubben, een soort van harde schutbladeren, om de aparte bloemen. Na bevruchting groeien de onderstandige vruchtbeginsels uit tot nootjes die zo'n 3 mm lang zijn en met behulp van het bruinige pappus door de wind kunnen worden verspreid. Kruisbestuiving door diverse insecten is gewaarborgd doordat de meeldraden eerst rijpen en naderhand het stempel met de twee stijltakken ver boven de bloemen uitgroeit. De bladeren zijn tegenoverstaand. De onderste bladeren zijn omgekeerd-lancetvormig en gesteeld; de bovenste bladeren zijn driedelig, lancetvormig, ongesteeld en grof gezaagd. Uit de ondergrondse wortelstok ontspruiten de stengels die rood aangelopen kunnen zijn.De meerjarige planten zijn kort en vrij dicht behaard. De stengels vertakken alleen boven in de bloeiwijze. De bloem produceert veel nectar en wordt door vlinders en bijen druk bezocht. De plant is de waardplant voor o.a: Dwergvedermot, Veelkleurige bladroller, Koninginnekruidmot.

De vroegere Nederlandse naam Leverkruid is logisch af te leiden van de leverkleur van de bloeiwijzen. Een thee van Koninginnekruid werd vroeger gebruikt tegen verkoudheid en als laxeermiddel. In de oudheid beschouwde men de plant als geneeskrachtig tegen leverkwalen; ook vandaar de naam Leverkruid. Eupatorium is Grieks voor: kruid van Mithridates, de koning van Pontus in de Romeinse tijd die de plant tegen zijn leverkwalen aanwendde.

Bron: Wikipedia; Flora van Nederland
Foto:
Insectenplanten.nl -  Wikipedia

Marian Klok