Kleine ratelaar

Rhinanthus minor

kleine ratelaarDe Kleine ratelaar, de wetenschappelijke naam voor deze plantensoort is Rhinanthus minor. Rhinanthus komt van het Griekse rhis of rhinos (neus) en anthos (bloem), hetgeen slaat op de bovenlip van de bloemkroon, die als een neus vooruitsteekt. Minor betekent in het Latijn kleiner. De goudgele bloemen van de Kleine ratelaar lijken op vogeltjes. Overigens, met een beetje fantasie, zie ik zelf papegaaienbekjes of kanaries in de bloemvorm.
De Kleine ratelaar is een eenjarige plant en de zaden zijn kiemkrachtig tot het volgende voorjaar. De 1 mm grote tand van de bovenlip is een onderscheidend kenmerk. Deze is wit, maar kan echter net als bij de Grote ratelaar (Rhinanthus angustifolius) en de Harige ratelaar (Rhinanthus alectorolophus) vaak ook paarsblauw zijn. In dat geval mag hij niet langer zijn dan breed.

kleine ratelaar kleine ratelaar

De Kleine ratelaar wordt 10-30 cm hoog en bloeit van mei tot september. De donkergroene bladeren zijn lancetvormig tot eirond en de rand ervan is gezaagd. Ze staan steeds twee aan twee tegenover elkaar aan de vierkantige stengel. Op de stengel zitten meestal zwarte streepjes.
De bloemen van de Kleine ratelaar zijn plat en geel. Ze bestaan uit twee lippen, waarvan de bovenste lip wit of aan weerskanten een blauwe tand heeft. De bloemkroon is 1-1,5 cm lang en heeft een open keel. De kelk neigt, in tegenstelling tot die van de Grote ratelaar, naar bruin.
Het zaad is rond en bruin en heeft rondom een vliezige rand. Wanneer de plant is uitgebloeid maken de zaden binnen de verdroogde kelkbladen bij beweging een rammelend geluid. Dat heeft het plantengeslacht de naam ratelaar bezorgd.

De Kleine ratelaar is een halfparasiet en bloeit van mei tot oktober. Halfparasieten zijn planten die wel over bladgroen of chlorofyl beschikken, maar meestal met hun wortels in de waardplant dringen en op die manier water en bepaalde mineralen via de waardplant opnemen. Omdat ze wel chlorofyl bevatten kunnen ze zelf in hun energie voorzien door middel van fotosynthese.

Volledige parasieten zijn planten die volstrekt zonder chlorofyl, dus niet groen gekleurd zijn en die daarom volledig afhankelijk zijn van de gastheerplant waarop ze parasiteren.

kleine ratelaarDat de plant gras parasiteert heeft hem populair gemaakt bij natuur- en heemtuinbeheerders. Het dringt het gras nog wat verder terug, waardoor er meer plaats is voor andere bloemplanten. Zo worden bepaalde orchideeënsoorten opvallend vaak vergezeld door deze plant. In de Kwade Hoek bijvoorbeeld is de Kleine ratelaar veelvuldig te zien samen met Harlekijn, Gevlekte orchis, Rietorchis, Vleeskleurige orchis- en Moeraswespenorchis. Niet alleen de mens kan dit prachtige schouwspel zien, maar ook veel insecten maken dankbaar gebruik van de Kleine ratelaar.

Bronnen: wikipedia, flora en fauna Nederland.nl, wildeplanten.nl, wildebloemen.info

Jolanda Groenenberg