Gewone pad

 

Bufo bufo                                                                              7 – 10 cm groot

door Gerda Hos

 

In de lente en de zomer is er erg veel werk in onze moestuin. In het voorjaar ben je druk bezig met zaaien en poten en als alles goed gaat kun je daarna in de zomer oogsten. In juli was ik hier druk mee bezig toen ik ineens overal kleine padjes in het gras en de moestuin zag rond lopen. En ook in de kas en onze serre kwam ik ze tegen! Nou ben ik, i.t.t. veel andere mensen, een liefhebber van amfibieën en dan vooral padden. Misschien heb ik deze voorkeur overgehouden aan de tv serie Catweazle (1970-1971), die als huisdier een pad had. Zo schattig! Dit diertje met een grijs/bruine plattere rug dan de bruine kikker, kortere poten, plomp lichaam met brede kop en een bobbelige huid vertedert mij altijd. Dit komt waarschijnlijk omdat ze weinig springen en vooral lopen. En ze hebben prachtige goudachtige ogen met een horizontale pupil. Ook het geluid, een soort “oak”, doet mij op de één of andere manier wat. Ze zijn echter wel giftig. Uit oorspeekselklieren (achter de ogen) kan een bijtende giftige vloeistof komen als ze in gevaar zijn. Hierdoor worden ze alleen gegeten door bijv. reigers en ooievaars. Die braken, nadat ze een vrouwelijke pad hebben verorberd, de zweleiwitten van de eitjes uit als sterrenschot. Hun grootste vijand is echter het verkeer. Als de pad uit zijn winterslaap (oktober – februari) ontwaakt denkt hij maar aan één ding en dat is zo snel mogelijk naar de paarplaats zien te komen en daar of al onderweg een vrouwtje zoeken en de eitjes bevruchten, die het vrouwtje als een kralensnoer van soms wel 4,5 meter lang in dieper water legt dan de bruine kikker. Dit alles gebeurt terwijl het mannetje zich vastklemt (met de paarkussens aan de eerste drie vingers van de voorpoten) op de rug van het vrouwtje. Zijn de eisnoeren afgezet tussen waterplanten of takken dan verlaat het vrouwtje het water, terwijl het mannetje soms nog enkele maanden blijft rond zwemmen. Het vrouwtje zoekt nu al een vaste verblijfplaats op. Dit kan een zelf gegraven holletje zijn of een plekje onder stenen of boomstronk. Na 12 – 18 dagen komen de eitjes uit en de larven zijn zwarte kikkervisjes, die als een klont bij elkaar blijven. Daarna gaan ze solitair leven en na 3 – 4 maanden (mei/juli) krijgen ze pootjes, valt de staart af en verlaten als kleine padjes massaal het water (paddenregen). Als kikkervisjes ademen ze via kieuwen, maar als de pootjes tevoorschijn komen en als laatste de staart verdwijnt dan ademen ze via longen en kunnen dus verdrinken. Denk hieraan als je ooit kikker- of paddendril thuis in een aquarium hebt. Dril mag je in huis hebben, maar kikkers en padden niet, want die zijn beschermd. De kikkervisjes zijn ook giftig en worden dan ook weinig gegeten door vissen. Alleen de geelgerande waterkever en zijn larven, libellenlarven, waterwantsen en watersalamanders lusten ze graag. Zelf eten ze vooral algen en later dierlijk voedsel.

De schattige kleine padjes zijn nu nog dag actief en verblijven alleen op het land. Ze eten kleine, bewegende diertjes (kevers, spinnetjes, slakjes, wormen, mieren etc.). Na ca. 3 jaar zijn ze bijna volgroeid en geslachtsrijp en nemen na de winterslaap deel aan de paddentrek naar de paarplaats waar ze zelf geboren zijn. Ook al moeten ze hier, met alle gevaren van dien,  soms wel 5 km. voor lopen. Padden zijn nog wel zeer algemeen, maar hun voortbestaan wordt toch wel bedreigd door het gebruik van insecticiden, waterverontreiniging en wegen die de toegang tot hun paarplaats doorsnijden. Veel mensen vinden ze vies en griezelig. Dit komt waarschijnlijk door de sprookjes, die we als kind voorgelezen kregen en waarin toverdranken bereid worden met paddengif en waar heksen zich vaak vertonen als pad. Het zijn daarentegen intelligente en zeer interessante dieren, die bovendien heel grappig lopen. Ze kunnen heel oud worden. Wel 12 jaar!. Het woord amfibie betekent dubbelleven in het Latijn en dat klopt helemaal. Van ei naar kikkervis met kieuwen in het water naar volwassen pad met longen op het land. Wat is de natuur toch bijzonder en prachtig! En ik hoop dat iedereen nu met andere ogen naar padden gaat kijken.