Geelgerande watertor

Dytiscus marginalis

geelgerande watertorDeze ‘killer’ (Waterroofkever) behoort tot de beste zwemmers onder de ongewervelde zoetwaterdieren.
Ik trof de kever in de zomer aan in de waterbak van onze pony’s. Nu ik achteraf weet hoe agressief deze kever is, ben ik blij dat de volgende ochtend de paardenneuzen nog in tact waren…

De Geelgerande watertor is een goede vlieger die de voorkeur geeft aan stilstaand water met veel waterplanten. Hij komt in vrijwel heel Europa voor.                                                           
Deze kever is ca. 27-35 mm. lang, heeft rondom lijf en kop een gele rand en is aan de onderkant geel/bruin. Hij heeft een bijzondere manier van ademhalen: hij zwemt achterstevoren richting het wateroppervlak, zodat de ademgaatjes die in het uiteinde van zijn achterlijf zitten boven water komen en lucht kunnen nemen. Ook verzamelt hij een luchtzak onder zijn vleugelschilden. Via waterplanten klautert hij daarna weer onder water.
De paring vindt vooral plaats in de lente. Het mannetje klautert op de rug van het vrouwtje, en klemt zich vast met de zuignappen die aan zijn poten zitten. Het vrouwtje legt ca. 1000 eieren die via haar legboor in zuurstofrijke waterplanten worden gestopt. De larf lijkt op een garnaal. Als de larf 7 cm. lang is komt hij aan de oever, graaft een holletje en verpopt zich. Hoe warmer het is, hoe sneller de metamorfose verloopt (van enkele weken tot enkele maanden). De Geelgerande watertor gaat in winterslaap en verstopt zich onder water in de modder.

Geelgerande watertorren zijn gevaarlijke rovers die hun prooi met de voorpoten vastgrijpen en nooit meer loslaten. Wormen, kikkervisjes, visjes en insecten worden met hun kaken fijngekauwd. Uit grote vissen worden hele happen gescheurd. Als er weinig voedsel is,  worden soortgenoten op het menu gezet.
De larven zijn nog vraatzuchtiger en vallen alles aan wat ze tegenkomen. De prooi wordt doorboord met de bovenkaaktang en ingespoten met een vloeistof die ervoor zorgt dat de ingewanden worden opgelost; de larf hoeft de vloeibare brei alleen nog maar op te zuigen…

Monique Wyfker