Gallen

gal gal gal

Heb je deze gal al?
Of de bomen het nu leuk vinden of niet, ze hebben altijd bezoek. Er zijn heel wat planten en dieren die er voedsel of bescherming vinden.
Dat de boom dit niet altijd even prettig vindt kun je je wel voorstellen.
Zeker wanneer je de bladeren van een boom wat beter bekijkt. De bladeren krijgen vroeg of laat te maken met brutale inbrekers: de Gallen.
Het kenmerk van gallen is dat ze de groei van hun gastheer danig in de war sturen, zodat bijvoorbeeld de bladeren rare knobbeltjes, knikkers, rozetjes, vlaggen of andere woekeringen de bladeren gaan maken.
Probeer maar eens een gaaf blad te vinden, dat valt helemaal niet mee. Bijna op elk blad hebben de bezoekers hun sporen nagelaten.

Een aantal van deze bezoekers veroorzaakt bij de boom vergroeiingen. Dat komt omdat ze de ontwikkeling van de boom verstoren. Ook op de bladeren kun je zulke vergroeiingen vinden. Daar zie je dan vaak gekleurde schijfjes, bolletjes, torentjes of borsteltjes. Dit noemen we gallen. In zulke vergroeiingen bivakkeren meestal insectenlarven. Zij eten plantenweefsel; ze leven op een streng vegetarisch dieet.
Iedere boomsoort heeft zijn eigen karakteristieke gallen. Galvormers zijn vaak gebonden aan één plantensoort.

Hoe ontstaat zo’n gal?
Veel van de gallen worden veroorzaakt door insecten. Zij leggen of boren in het blad een eitje. Het liefst in een dikke nerf. Uit dit eitje komt een larfje, het rupsje van het insect. Dit diertje gaat in het blad aan het eten en verstoort daardoor de hele huishouding in het blad. De boom zelf gaat dan op die plek een gal vormen. De gal beschermt het larfje tegen veel vijanden en het vindt in de gal voldoende voedsel.
Het huishouden van het blad kan om de gal heen weer gewoon verder gaan.
De boom schijnt over het algemeen weinig last van de galveroorzakers te hebben.

Zomaar een voorbeeld van een bekende gal.
Bij eiken vind je verreweg de allergrootste variatie aan gallen. In ons land zijn maar liefst zestig soorten galwespen gevonden die het allemaal op de zomereik hebben gemunt. De meest bekende is wel het Galappeltje, veroorzaakt door de Galappelwesp.

gal gal gal

De Galappelwesp legt haar eitjes in piepkleine eikenblaadjes, het liefst in één van de grootste zijnerven. Het resultaat is een mooie ronde gal, met een doorsnede van bijna één centimeter. Precies middenin zit een bolvormig kamertje met een voedselrijke binnenwand en daaromheen dicht weefsel, dat prima kan dienen als bescherming tegen vijanden van buiten, zoals sluipwespen en vogels.
                                             
Soms zitten er wel drie of vier gallen vlak bij elkaar op één blaadje. Aanvankelijk zijn deze bolletjes groen, later worden ze geel. Soms krijgen ze zelfs, net als echte appels, een rode blos aan de kant waar ze het meeste zonlicht hebben gehad.

Ferdinand van Helden