Fitis

Phylloscopus Trochilus

fitisZo vanaf ergens begin april kun je, vooral in halfopen landschap met veel struiken, genieten van de zang van de Fitis. Het vormt samen met de zang van de Tjiftjaf een typisch lentegeluid. De twee vogeltjes lijken uiterlijk sterk op elkaar maar als ze eenmaal zingen is het direct duidelijk. Daar waar de Tjiftjaf zijn eigen naam zingt, laat de Fitis een soort watervalletje horen, van hoog naar laag. En de beste manier om het geluid te onthouden is doordat het vogeltje het volgende zingt: Het-is-nog-wel-mooi-weer-maar-dat-blijft-niet-lang-zo. Net een melancholisch gedichtje.

De Fitis is een van onze meest algemene zomervogels. In de winter leven ze ver beneden de evenaar in Midden-Afrika, onder de Sahel. In zo’n twee maanden tijd keren ze terug naar broedgebieden in Europa, vaak naar precies hetzelfde gebied als het jaar ervoor. Het mannetje keert dan als eerste terug, zodat een territorium bezet kan worden voordat de vrouwtjes arriveren. De mannetjes zijn polygaam en hebben vaak met meerdere vrouwtjes tegelijk een nest, maar helpen wel al deze vrouwtjes met het voeren van de jongen. Het nest wordt op de grond gebouwd.

In 2004 en 2005 is er bij Groenekan een vogel waargenomen die in zijn zang zowel elementen van een Fitis als van een Tjiftjaf had. Ook bij Amsterdam werd in 2004 een vergelijkbare vogel gevonden. In 2007 was er weer een mengzanger bij Groenekan, uiterlijk geheel als Fitis. Of dit soort vogels echt een kruising is of dat er alleen met de zang iets aan de hand is, blijft de vraag.

Bronnen: wikipedia.nl, vogelvisie.nl, vogelbescherming.nl

Marcel Witte