Bromvlieg

Calliphora vicina                                                                            10 – 14 mm

Het is half november 2016 als ik dit stukje schrijf voor het krantje van februari 2017. Ja, soms ben ik erg op tijd! We hebben net een prachtige nazomer achter de rug en die wordt nu gevolgd door een natte en koude herfst met toch ook nog wel wat zon gelukkig. Door het mooie weer hebben we nog steeds bromvliegen in huis.

Met hun staalblauwe lichaam, doorzichtige vleugels, zwarte poten, rode facetogen en irritant gezoem zijn ze erg hinderlijk en dus bij iedereen bekend. Maar echt veel weten over deze overal ter wereld voorkomende dieren doen we (ik althans!) niet. Omdat ik de boeken indook om te zien of er een diervriendelijke manier was om ze uit huis te krijgen heb ik wat kennis vergaard waar ik niet al te blij van werd.

Zo leven ze in losse groepen en waarschuwen elkaar d.m.v. feromonen (geur- en lokstof) als ze voedsel hebben gevonden. Vandaar dat er op kadavers altijd zoveel vliegen zitten. In Azië hebben ze gieren, wij hebben bromvliegen. Het vrouwtje paart na het eten van een eiwitrijkmaal en zet dan de eitjes af (± 600 in kleine groepjes) op kadavers, erg zieke nog levende (!) dieren, kattenvoer etc. De witte larven, de zogenaamde maden, kruipen na 1 dag al uit het ei en zijn eigenlijk niets anders dan vreetmachines. Hierdoor spelen ze een grote rol bij het opruimen van kadavers en andere dierlijke resten. Ook werden en worden ze wel gebruikt om etterende wonden bij mensen schoon te laten eten. Dit bevordert de genezing aanzienlijk, maar het idee is niet echt lekker!

Na slechts een paar dagen zijn de maden volgroeid. Ze kruipen in de bodem of bodembedekking om te verpoppen. In de cocon wordt het lichaam van de made geheel afgebroken en herbouwd. Na ongeveer 2 à 3 weken (soms zelfs al na 1 week!) komen de volwassen dieren uit de pop en begint de cyclus weer van vooraf aan. Het vrouwtje start haar leven nl. direct met paren. Hierdoor kan ze ongelooflijk veel eitjes afzetten in haar korte (2 weken) leven. Als het vrouwtje geen geschikte legplaats voor haar eieren kan vinden bewaart ze de eieren gewoon in haar lichaam tot het maden geworden zijn.

Het zijn insecten met slechts 1 paar vleugels en ze horen met de mug tot de orde van Diptera, de tweevleugeligen. De oorspronkelijke achtervleugels zijn veranderd in een paar knotsvormige organen, de vliegkorfjes of halters. Deze zorgen voor evenwicht tijdens het vliegen. Aan de voeten zitten zuignapjes waardoor ze over glad oppervlak en ook ondersteboven tegen het plafond kunnen lopen. Vliegen en muggen kunnen niet kauwen. Ze nemen vloeibaar voedsel tot zich met hun zuigsnuit.

Mannetjes zitten veel op schermbloemigen en eten stuifmeel en nectar. Hierdoor helpen ze ook met de bestuiving. De wijfjes komen ’s zomers in onze huizen en overwinteren er ook. Ze zijn altijd luid zoemend op zoek naar voedsel voor de toekomstige larven. Helaas gaan ze overal opzitten en brengen zo via poten en speeksel ziektekiemen over. Niet echt fris dus! Ziektes, die ze verspreiden zijn: cholera, dysenterie, tyfus, miltvuur, voedselvergifting. Bovendien piesen en poepen ze overal. Het is daarom zaak ze te bestrijden en te weren uit huis. Denk dan aan het plaatsen van horren of een vliegengordijn. Berg alle levensmiddelen op. Zorg voor tocht. Koop een vliegenlamp, want ze hebben een hekel aan de kleur blauw. Plant in de tuin een walnotenboom, maar besef wel dat deze boom erg groot wordt. Koop een Ricinusplant of vleesetend plantje. Ook de takken van de iep weert vliegen. En een schaaltje met kruidnagels en water schijnt te helpen. Is dit alles niet afdoende dan kun je ze vangen of doden met een reep papier dat ingesmeerd is met honing vermengd met geweekte sacharine. Vliegen snoepen hiervan en kunnen dit niet meer na vertellen.

Maar besef ook dat vliegen voedsel zijn voor allerlei vogels en dat het echte overlevers zijn. Ik denk weleens dat als de wereld bijna zou vergaan er in elk geval vliegen zullen zijn die het overleven. Maar echt vrolijk word ik niet van deze diersoort. Wel werd ik vrolijk toen er eind september een ijsvogeltje een stekelbaarsje ving in onze vijver en dat voor onze neus op zat te eten. Na zo’n waarneming neem ik alle in huis rondvliegende (brom)vliegen op de koop toe!

Gerda Hos