Boomklever

Sitta europaea, 14 cm lang, 19-24 gram                      door Gerda Hos

 

Mijn man en ik gaan begin november altijd een week naar een huisje in een groene omgeving ergens in Nederland. Dit jaar was de keuze gevallen op Otterlo. We hadden een schattig huisje in het bos, gelegen aan een heideveldje. Een prachtplek! De herfstvakantie was voorbij en je zag bijna niemand. Ideaal dus!

In de omschrijving van het park stond dat er veel vogels en ook eekhoorntjes voor kwamen, dus werd er door ons een grote zak pelpinda’s in de bagage gestopt. Want wat is er leuker dan in de herfst en winter vogels naar je woon(verblijfs)omgeving  lokken met voer. Vol vertrouwen strooide ik de eerste dag de nodige zaden en nootjes op het bruggetje voor de deur van ons huisje. In afwachting wat komen ging zette ik mij met een kop koffie voor het raam. Al snel kwamen de eerste vogeltjes hun opwachting maken. Veel mezen en vinken, maar geen eekhoorn. Na een wandeling met de hond ontdekten we bij terugkomst dat al het voer weg was. Zou de eekhoorn dan toch op bezoek geweest zijn! De volgende dag herhaalde ik het voerritueel en bij de tweede bak koffie zag ik ineens wie de pinda’s kwam halen. Een boomklever was de pindarover! Prachtig om te zien hoe dit gedrongen vogeltje met leiblauwe rug, opvallende oogstreep, witte wangen, korte staart en roestbruine onderkant er met een doppinda in de snavel vandoor ging. Zoiets had ik eerlijk gezegd nooit verwacht van dit mooie vogeltje, dat in de volksmond ook wel “blauw spechtje” wordt genoemd door zijn krachtige snavel en poten. M.b.v. deze poten klimt hij makkelijk omhoog en ook weer omlaag langs een boomstam of tak. Dit i.t.t. de bruine boomklever, die alleen omhoog kan klimmen. In de vogelboeken las ik dat de boomklever op de stam van een boom naar eetbare insecten (kevers, oorwormen, vliegen, insectenlarven in gallen), spinnen, slakjes en op de grond noten (hazel- en beukennootjes en dus ook pelpinda’s) zoekt. Heeft hij een lekker nootje gevonden dan klemt hij die net als een specht tussen een schorsspleet om het met de forse snavel open te hakken. Daarom leven ze voornamelijk in bosrijk gebied en stadsparken met grote oude bomen. Thuis kun je ze het hele jaar zien op landgoed Mildenburg te Oostvoorne in de oude beukenbomen. Al zijn ze daar niet echt talrijk. Op de Veluwe maak je meer kans ze te zien.

Eind april of begin mei wordt er door zowel pa als ma boomklever een nestje gemaakt in een holte van een boomstam (vaak oud spechtennest), gat in een muur en soms ook wel in een nestkastje. De opening wordt door het vrouwtje vakkundig dicht gemetseld tot de juiste maat en dan begint ze met eitjes leggen. Als er 6 tot 10 eitjes gelegd zijn begint zij met broeden. Na ongeveer 14-18 dagen kruipen de kleintjes uit het ei. Ze hebben donkergrijs dons op de kop, schouders en midden op de rug en de binnenzijde van de bek is rozerood. Beide ouders krijgen het nu druk met insecten vangen voor de jongen. Deze blijven ongeveer 24 dagen in het nest en worden daarna nog 7-10 dagen gevoerd voor ze op eigen pootjes moeten staan. Ze gaan nu op zoek naar een eigen territorium en kunnen datzelfde jaar al voor nakomelingen zorgen. Ja, ze zijn erg vroegrijp. Goed voor de soort, want er sneuvelen altijd veel jongen. Meestal is er maar één broedsel, soms twee. Dit hangt waarschijnlijk van het voedselaanbod af. Slapen doen ze in een uitholling of scheur in boomschors en met de kop naar beneden.

Een boomklever laat zich niet makkelijk zien, maar is wel vaak te horen (twiet-twiet-twiet; tstit).

Hebben wij dus even geboft deze vakantie, want elke dag hebben wij kunnen genieten van dit prachtige vogeltje en ook van de andere vogels natuurlijk. En weer thuis heb ik laatst op mijn dagelijkse fietstocht op de (smalle) Vleerdamsedijk te Rockanje een eekhoorn lopend over een hekje gezien. Toch ook wel prachtig! En een echt cadeautje na een fijne week op de Veluwe. Zo was het toch weer erg fijn om thuis te zijn!

ivn Amstelveen Boomklever